Stormachtig Kamerdebat EU-grondwet

Nederland wil niet ter wille van een gemeenschappelijk buitenlands beleid van de EU nationale soevereiniteit inleveren, terwijl grote landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland gewoon hun eigen buitenlandse politiek blijven voeren.

Dat heeft staatssecretaris Timmermans (Europese zaken, PvdA) gisteren gezegd tijdens een stormachtig verlopen Kamerdebat over de onderhandelingen over een Europees verdrag.

Nederland, zo bleek in een bij aanvang door de staatssecretaris rondgedeelde interne notitie van Buitenlandse Zaken, verzet zich niet tegen de instelling van een Europese ‘minister’ van Buitenlandse Zaken – één van de elementen uit de in 2005 in Nederland bij referendum verworpen Europese Grondwet. Die zou dan wel eerder ‘coördinator’ of ‘hoge vertegenwoordiger’ moeten heten, om te benadrukken dat de EU geen zelfstandig buitenlands beleid heeft. „Ik wil niet in de situatie komen dat Nederland zijn buitenlands beleid inlevert, terwijl Parijs, Berlijn en Londen gewoon hun eigen beleid blijven houden. Nee, dank u wel, daar doe ik niet aan mee”, aldus Timmermans.

Nadat gebleken was dat een groot deel van de Kamer zich stoort aan de geringe mededeelzaamheid van de regering over het verloop van de Europese verdragsonderhandelingen besloot Timmermans tot de openbaarmaking van een interne gespreksnotitie van minister Verhagen (Buitenlandse zaken, CDA). Daarin staan acht Nederlandse verlangens voor een nieuw Europees verdrag, ter vervanging van de verworpen Grondwet, opgesomd.

Timmermans, wiens openhartigheid in het debat door Halsema (GroenLinks) zeer geprezen werd, weigerde te zeggen op welke beleidsterreinen Nederland in Europa met meerderheidsbesluitvorming akkoord zou willen gaan. Nederland hoopt dat namelijk uit te ruilen in de onderhandelingen tegen het „dichten van lekken” in het systeem, aldus Timmermans. Hij doelde daarbij met name op de Haagse voorstellen om aan nationale parlementen mogelijkheden te geven Europese wet- en regelgeving weg te stemmen.

Uitgangspunt van de Nederlandse opstelling is om aan een nieuw verdrag elke suggestie van staatsvorming te ontnemen, herhaalde Timmermans, daarin gesteund door de hele Kamer, D66 uitgezonderd. Hij waarschuwde echter voor een al te benauwd vasthouden aan de gedachte van nationale soevereiniteit, bijvoorbeeld in verband met klimaatpolitiek.