Pet Shop Boys maken feest van hun ‘Sodom en Gomorrashow’

Concert: Pet Shop Boys. Gehoord: 22 mei RAI, Amsterdam.

Voor een relikwie van de synthesizerpop uit de jaren tachtig hebben de Pet Shop Boys een behoorlijk niveau weten te handhaven. Hun laatste cd Fundamental is lang niet slecht, al lijkt het eeuwige nasale jongensstemmetje van Neil Tennant in tegenspraak met het volwassen engagement dat er dit keer doorheen sijpelt. De wereld hangt van enen en nullen aan elkaar en we worden geregeerd door dummy’s die ons ten oorlog voeren, luidt de boodschap. Uiteraard op zijn Pet Shop Boys’ gebracht, met veel wrange humor en altijd een roze rafelrand in de state-of-the-art computermuziek.

Live maken ze er een feestje van, met een uitbundig lichtspel en kostuum- en scènewisselingen die veel weg hebben van een moderne musical. Met maar vier dansers en één achtergrondzangeres brachten ze een bont schouwspel, geholpen door het feit dat toetsenman Chris Lowe het volledige instrumentale en ritmische gedeelte in de hand hield achter een enkel toetsenbord met laptopscherm. Tennant wandelde door hun showballetten als een heer verdwaald in een pretpark, mild geamuseerd en met aristocratische afstand van de acrobatische toeren om hem heen. Het publiek dat al na een kwartier uit de stoelen kwam om voor het podium te dansen, bekeek hij met lichte argwaan en angst voor hun fototoestellen.

Sinds hun eerste hit West End girls uit 1986 heeft het Londense duo voldoende hits verzameld voor een boeiende avond, waarbij onbekendere nummers als Dreaming of the Queen en Integral er uit sprongen door slim gebruik van filmbeelden (de begrafenisoptocht van Lady Di) of animatie (dansende streepjescodes). Serieuzere momenten als Numb, met Tennant als suf geslagen mediaconsument, werden ruimschoots gecompenseerd door de uitbundigheid van discomuziek als in Willie Nelsons ooit zo ingetogen Always on my mind. U bent getuige geweest van de Sodom and Gomorrah show, was de slotverklaring die ook weer in een heerlijk aanstekelijk lied verpakt ging.