Non springt met crossfiets uit vliegtuig

De meeste films in Cannes zijn klassiek verhalend of zwaar van de symboliek. Het lichtvoetige ‘Mr. Lonely’ is dan ook een verademing. Harmony Korine is helemaal terug van weggeweest: „Ik zat bij een sekte die zocht naar een vis met gouden schubben.”

Bas Blokker

Gerard Depardieu wordt met een klein escorte naar zijn hotel gebracht. Hij moet even de pas inhouden om twee piraten te laten voorgaan. Een bedelares mompelt: „Danke tellement.” Een versteende kopie van Joan Collins tilt haar hondje omhoog. Op zijn zilveren halsband staat in glittersteentjes The Boss. Daar komt voor de zoveelste keer de reclame-auto van een nieuw drankje voorbij, met vlammen van tule en dansers in zwarte zijde.

Harmony Korine duikt ineens op bij de tafel met een handvol journalisten en giechelt om de vraag of hij op het festival niet soms het gevoel heeft door zijn eigen film te lopen. De 34-jarige Amerikaanse regisseur heeft voor het eerst sinds Julien Donkey-boy in 1999 weer een speelfilm gemaakt, Mr. Lonely, en die draait in Cannes in het programma Un certain regard, dat dit jaar films herbergt die op andere jaren glansrijk de Gouden Palm zouden hebben gewonnen.

Mr. Lonely werd door de pers met een soort opluchting ontvangen. De meeste films hier zijn klassiek verhalend of zwaar van symbolische schoonheid. Fatih Akin heeft zes personages in Turkije en Duitsland met elkaar verknoopt in een ontroerende film, Auf der anderen Seite. Béla Tarr laat in The Man from London het oog van de camera dwalen over de grimmige wereld van een seinwachter in een havenstad. Persepolis is de getekende autobiografie van de Iraanse vluchtelinge Marjane Satrapi. In Secret Sunshine van de Koreaan Lee Chang-dong raakt een vrouw in gevecht met God na de dood van haar geliefden. Het zijn ieder op hun eigen manier indrukwekkende films, waarvan je mag hopen dat ze dit jaar nog in de Nederlandse bioscopen terechtkomen. Maar ze leggen ook allemaal een steen op je borst.

Mr. Lonely niet. Hier buitelen de beelden door elkaar op een associatieve en lichte manier. Een man op een gele minimotor met aan een draad een speelgoedaap met rolschaatsen en engelenvleugels. Een non die met een mountainbike uit een vliegtuig springt en in vrije val stunts uitvoert. Een Michael Jackson-imitator die in een bejaardentehuis optreedt en zingend langs de rolstoelen gaat: „Whoooo. Whooo. Don’t die. Don’t die.” En die later de moondance doet op een rots voor een oneindig meer. James Fox die de paus nadoet. Samantha Morton als Marilyn Monroe, die getrouwd is met een Charlie Chaplin imitator. Hun kind moet Shirley Temple voorstellen.

Beelden, zegt Korine, liggen aan de oorsprong van zijn films, meer dan iets dat hij wil vertellen. Hij ordent de beelden rond zijn associaties en het thema dat de film daardoor langzamerhand krijgt. En in het geval van Mr. Lonely is het thema het verlangen iemand anders te zijn, een beroemdheid. Vijftien imitatoren, van James Dean tot Abraham Lincoln, trekken zich terug op een kasteel en bereiden zich daar voor op de grootste show aller tijden.

Gevraagd naar de reden voor zijn lange afwezigheid uit de filmwereld, duikt Korine gedurende de twintig minuten die doorgaans voor dit soort groepsinterviews worden uitgetrokken in de ellende van de afgelopen jaren. „Ik ging om met een groep mensen die ik niet mocht. Op zeker moment dacht ik, als dit mijn vrienden zijn, dan moet ik zelf ook zo iemand zijn. Toen wilde ik verdwijnen. Mijn leven onderbreken. Ik heb zeven maanden in de jungle van Panama gezeten, waar mijn ouders wonen. Daar kwam ik bij een sekte die zocht naar een vis met gouden schubben, waarvan wordt gezegd dat je ze kunt bespelen als pianotoetsen. Japanners betalen er miljoenen voor. Er zijn er twee van gevonden in de laatste 75 jaar en wij vonden er natuurlijk geen. Toen ik dat tegen de sekteleider zei, noemde hij me een verrader en een ongelovige. Dat klopt zei ik, ik geloof hier niet in. En toen ben ik weggegaan en heb ik de draad weer opgepakt.”

De vier journalisten aan tafel kijken hem en elkaar aan. Is het waar? Maar de fragiele regisseur, met op zijn hand een getatoeëerde drietand en op zijn onderarm een schaap, kijkt zo ernstig, dat niemand hardop durft te twijfelen. Dan roept een Italiaanse journaliste. „Ik ben zo trots. Ik zat in een jury die in 1997 Gummo een prijs gaf. Jij bent míjn ontdekking.” O ja, zegt Korine met een lachje, zonder jou had ik hier niet gezeten.

Podcast van drie filmcritici, onder wie Bas Blokker, op www.nrc.nl/cannes2007