Helene Schjerfbeck

Het enorme zelfportret van Helene Schjerfbeck (1862-1946) op de gevel van het Haags Gemeentemuseum kleurt wonderwel bij de sobere beige bakstenen en de groene goten van het gebouw. In de afgelopen dertig jaar ontbrak Schjerfbecks’ werk op geen van de overzichten van Scandinavische kunst in Europa. Tussen alle verheven symboliek die daar werd vertoond sprong Schjerfbecks werk er steeds weer uit, alleen al omdat het boven alle nationalisme is verheven. Dit in tegenstelling tot de grote schilderijen van haar Scandinavische tijdgenoten. Edgar Munch uitgezonderd.

Helene Schjerfbeck kon alleen in de eerste fase van haar carrière studeren in het buitenland. Op haar achttiende vertrok ze met een staatsbeurs naar Parijs en rond haar dertigste keerde ze terug naar Finland. Ze was schuw en liep mank – op haar vierde had ze haar heup gebroken.

De expositie in Den Haag is beklemmend mooi. Zelden zie je een overzicht van een kunstenaar die zich zo consequent concentreert op de essentie van het leven, van het mens zijn. Of Schjerfbeck wat naturalistischer schildert, zoals bij Het herstellende meisje uit 1888, of in matte, abstraherende vlakken een dame in een schommelstoel neerzet (De naaister, 1905), de voorstelling krijgt iets magisch, trekt aan maar blijft toch op afstand. Geïnspireerd door Japanse houtsnedes ging ze steeds meer stileren. Ook wilde ze de glans van de verf zo veel mogelijk wegnemen, liet hele stukken van het doek soms ongeschilderd. In de laatste fase van haar leven concentreert ze zich steeds meer op zelfportretten, genadeloos analyseert ze zichzelf. De lijnen steeds hoekiger. De blik holler. Tot op de dag voor haar dood. Enkele strepen, wat schaduw. Een masker. Wat een schilderes!

Helene Schjerfbeck. Het geheim van Finland t/m 2 sept in het Haags Gemeentemuseum, Stadhouderslaan 41, Den Haag. Di t/m zo 11-17u.