Hallo, daar zijn we weer

De duurste draaideur draait op het Damrak.

Hoewel het klimaat voor beursgangen de laatste jaren aanzienlijk is opgewarmd, is het aantal fondsen dat in de afgelopen tien jaar van de Amsterdamse beurs vertrok iets hoger dan het aantal bedrijven dat een notering kreeg: circa 100 tegen 88.

Maar er zijn ook spijtoptanten. Gisteren maakte Uni-Invest bekend opnieuw naar de beurs te gaan, na een afwezigheid van vijf jaar. In juli 2002 haalde de inmiddels omstreden zakenman Jan-Dirk Paarlberg samen met de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers het vastgoedfonds voor 884 miljoen euro van de beurs. De toenmalige verkopende grootaandeelhouder, Richard Homburg, keerde zelf een klein jaar geleden eveneens terug naar het Damrak met zijn andere vastgoedfonds Homburg Invest. Opmerkelijk: Uni-Invest kocht onlangs een pakket van ruim 6,5 procent in dit fonds.

Er zijn meer voorbeelden van bedrijven die dan weer wel, en dan weer niet hun aandelen aanbieden op de openbare kapitaalmarkt. Endemol heeft twee keer op de beursgong mogen slaan: in 1996 en in 2005. Vorige week maakte een van de oorspronkelijke eigenaren, John de Mol, bekend de tv-producent wéér van de beurs te halen, 7 jaar nadat hij het voor miljarden had verkocht.

Oliebedrijf Petroplus, opgericht door twee jonge Hollandse handelaren, kreeg in 1998 een beursnotering tegen een waardering van 210 miljoen. In 2005 haalde investeerder Carlyle het bedrijf voor ruim het dubbele van de beurs. De Amerikaanse private-equitymaatschappij bracht Petroplus tweeënhalf jaar later weer naar de beurs. Ditmaal niet in Amsterdam, maar in Zürich. Waarde op die eerste handelsdag: 2,5 miljard euro.

Daarmee is meteen de ware achtergrond zichtbaar van het geregeld wisselen van eigendomsstructuren. De officiële argumenten om naar de beurs te gaan, of juist ervan af – ze zijn inwisselbaar – luiden doorgaans: ‘de onderneming gaat een nieuwe fase in’, ‘we willen groeien’, ‘de balans moet versterkt’. Maar het draait vooral om geld. Zowel een effectenbeurs als een private investeerder biedt de ideale exit. Zodra de waarde van een bedrijf het uitgestippelde rendementsniveau heeft bereikt, lonkt het moment om uit te stappen.

Daarbij is er een groep die altijd profiteert, zowel bij aan- als verkoop van een bedrijf: de adviserende zakenbankiers. Die opereren als voetbalmakelaars. Hoe vaker een speler van club verhuist, hoe vaker zij vette commissie vangen. Lehman Brothers, de verkopende aandeelhouder van Uni-Invest, profiteert zelfs dubbel: de zakenbank begeleidt de beursgang zelf.

Philip de Witt Wijnen

Rectificatie / Gerectificeerd

In de Lux-column Hallo , daar zijn we weer (24 mei, pagina 13) staat dat Uni-Invest onlangs een aandelenbelang in Homburg Invest kocht. Bij deze transactie ging het om Uni-Invest Holdings nv, een bedrijf van Richard Homburg. Dat staat geheel los van Uni-Invest bv waar de column over ging.