Aan Woosters eerste opera is geen touw vast te knopen

Opera: La Didone, door The Wooster Group. Gezien 19/5 Kaaitheater Brussel. Herhaling: 30/5-2/6 Rotterdamse Schouwburg. Inl. 010-4118110 of www.operadagenrotterdam.nl

Uit de tijd gevallen zijn ze, de neergestorte ruimteschepen én het zeeschip van de Trojaanse prins Aeneas. Iedereen draagt zilveren maanpakken. De oudheid is de toekomst.

Na meer dan dertig jaar multimediale voorstellingen waagt The Wooster Group zich voor het eerst aan opera – immers, de multimediale kunstvorm bij uitstek. In opdracht van het Kunstenfestival Des Arts in Brussel bewerkte het New Yorkse theatercollectief La Didone (1641), een Italiaanse barokopera van Francesco Cavalli.

Bang voor een extreme theatrale cocktail zijn de illustere theatervernieuwers uit New York nooit geweest, en ook ditmaal tonen ze zich weer van hun intellectueel radicale kant. Daar is niets mee, maar je kunt ook overdrijven. Gelaagder is niet altijd geslaagder.

Regisseur Elizabeth LeCompte vermengt het libretto van Gian Francesco Busenello, gebaseerd op de Aeneïs van Vergilius, met Terrore nello Spazio (1965), een Italiaanse science fiction-film van Mario Bava. Het heldenepos over de door de goden verdoemde liefde tussen Aeneas (John Young) en Koningin Dido van Carthago (Hai-Ting Chinn), loopt parallel met de futuristische horrorkitsch waarin buitenaardse wezens herrijzen in de lichamen van dode ruimtevaarders.

De zangers geven stem aan de klassieke wereld, via aria’s, zonder recitatieven. De acteurs belichamen hun futuristische schaduwen, met zware, door zuigende zwaartekracht vertraagde bewegingen en computervervormde dialogen.

In het interactieve toneelbeeld bevinden de parallelle werelden zich nog wel in dezelfde tijd en ruimte. En ook in de muziekdirectie van Bruce Odland zijn verleden en heden in balans, met een goede wisselwerking tussen de barok- en de elektronische muziek. Maar in de tekst zijn de verbanden nauwelijks te volgen: de acteurs praten dwars door de aria’s heen, en zijn negen van de tien keer niet te verstaan. Hierdoor valt er op den duur geen touw meer aan het stuk vast te knopen. La Didone gaat weliswaar juist over de verstoring van de normale ervaringscondities, maar dat is geen excuus.

In de botsing tussen het klassieke heldenepos en het futuristische melodrama komen onvermoede verbanden naar voren. Maar daarbij denk je vaak: nou en? Ze hebben geen dramatische noodzaak en leveren geen meerwaarde, en blijven daarom gezochte intellectuele excercities.

Hoewel La Didone voelbaar geramd in elkaar zit, houdt LeCompte je voortdurend bij de les en dus op afstand. Jezelf zo nu en dan verliezen lukt alleen dankzij het meesterlijk acteerwerk – vooral Kate Valk is prachtig als Dido’s schaduw. En dankzij de muziek. Anders dan in de enscenering klopt hierin wel een hart.