Nederlands netwerk in toekomstige EU

Nederland is voorlopig tegen Servisch lidmaatschap van de Europese Unie.

Toch leidt Nederland alvast Servische ambtenaren op in het claimen van EU-gelden.

22-06-2007, ROTTERDAM. DANIEL NIGOHOSYAN FOTO BAS CZERWINSKI Bulgaarse I EU-Trainee Czerwinski, Bas

„Praat ik nou echt zo slecht Engels?”, vraagt de Bulgaar Daniël Nigohosyan als de Nederlandse cursusleider niet begrijpt waarvoor hij het Europese subsidiegeld in wil zetten. „Om het wegennetwerk te verbeteren, zodat de handel toeneemt”, probeert hij nogmaals, deze keer beter articulerend.

De scepsis over verdere uitbreiding van de EU neemt toe. Nog maar 43 procent van de Nederlanders is voor een grotere Unie, zo bleek afgelopen najaar uit onderzoek. Toch sluiten nog vele landen zich de komende jaren aan. De oude lidstaten zien dit als de beste manier om de stabiliteit in de de landen te garanderen. En omdat de toetreding op kortere of langere termijn aanstaande lijkt, proberen de oude lidstaten alvast goede relaties met de potentiële nieuwkomers op te bouwen. Dat kan toekomstige economische samenwerking bevorderen en ook diplomatiek nog van pas komen.

Zo leidt Nederland sinds vorige week in Rotterdam drie weken lang ambtenaren uit Bulgarije, Roemenië, Turkije, Servië, Kroatië, Montenegro en Macedonië op in het succesvol aanvragen en besteden van Europese subsidies. Deze landen zijn lid (Bulgarije en Roemenië), kandidaat-lid (Turkije, Kroatië en Macedonië), of hebben ‘perspectief op het kandidaat-lidmaatschap’ (Servië en Montenegro). Allemaal kunnen ze al EU-subsidies aanvragen.

„Het algemene Nederlandse doel is de democratie bevorderen door bij de overheid en het maatschappelijk middenveld een mentaliteitsverandering teweeg te brengen. Het maatschappelijk middenveld moet net als in Nederland de overheid kritisch leren volgen, zodat de kwaliteit van de overheid toeneemt. De ambtenaren leren daarom onder andere dat ze samen met ngo’s Europese subsidies voor projecten aan kunnen vragen”, zegt Bernard Meijerman van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij is hoofd van het Matra Programma, in het kader waarvan de ambtenaren worden opgeleid.

Maar waarom laat Nederland dit soort trainingen niet over aan de EU? „Een ander doel is om Nederland op de kaart te zetten. Dat werkt ook economisch in ons voordeel”, aldus Meijerman. Andere West-Europese landen sturen vaak alvast eigen ambtenaren naar de toetredende landen om collega’s daar te ondersteunen en contacten te leggen. De Nederlandse inspanningen op het gebied van trainingen in Nederland zijn vrij uniek. Meijerman: „De cursisten die terug gaan, vormen in hun eigen land een netwerk voor Nederland.”

Maar is het niet gek dat Nederland afwijzend staat tegenover een kandidaat-lidmaatschap van Servië en anderzijds Servische ambtenaren alvast voorbereidt op datzelfde lidmaatschap? Nederland wil dat Servië eerst de vermeende oorlogsmisdadiger Ratko Mladic uitlevert aan het Haagse Joegoslaviëtribunaal. Ook Kamerlid Harry van Bommel van de eurokritische SP is vóór steun aan de Serviërs. „Het is een goed gebruik dat landen ruim voor toetreding worden ondersteund; zodat ze leren hoe ze het Europese spel moeten spelen. Matra moet worden ingezet voor alle landen die perspectief op lidmaatschap moeten hebben, dus ook voor Servië.”

Rectificatie / Gerectificeerd

Naam fotograaf

Bij de foto’s bij het stuk Nederlands netwerk in toekomstige EU (woensdag 23 mei, pagina 12) ontbrak de naam van de fotograaf. De foto’s zijn gemaakt door Bas Czerwinski.