Britten ferm in zaak-Litvinenko

De Britten eisen uitlevering van ex-KGB-agent Andrej Loegovoj, verdachte in de moordzaak-Litvinenko, door Rusland. Niemand verwacht echter dat het zover zal komen.

Hoe de zaak-Litvinenko ook zal verlopen, de betrekkingen tussen Groot-Brittannië en Rusland – en meer in het algemeen tussen het Westen en Rusland – zijn met de aanklacht uit Londen verder onder druk gekomen.

De Britse openbaar aanklager maakte gisteren de vervolging bekend van Andrej Loegovoj, een voormalig agent van de Sovjet-geheime dienst KGB, nu in leiding van een beveiligingsbedrijf in Moskou. Loegovoj wordt ervan verdacht Aleksandr Litvinenko, zelf een ex-KGB-agent en als balling woonachtig in Londen, te hebben vermoord door hem te vergiftigen met het radioactieve polonium 210. De Britse aanklager eist uitlevering van Loegovoj.

De Britse regering neemt de zaak hoog op. „Moord is moord”, liet premier Tony Blair via zijn woordvoerder weten. Minister van Buitenlandse Zaken Margaret Beckett sprak van „een ernstige misdaad” en liet meteen de Russische ambassadeur op het matje roepen. Hem werd te verstaan gegeven dat Londen „volledige medewerking” van Moskou verwacht.

Uitlevering van Loegovoj door Moskou is niet waarschijnlijk. Moskou heeft steeds gezegd geen verdachten in deze zaak te zullen uitleveren. Grondwettelijke bepalingen verhinderen dat, aldus Rusland. Juridische experts wezen gisteren overigens op internationale verdragen op basis waarvan uitlevering wél mogelijk zou zijn.

De Britse toon lijkt een reactie op ‘provocaties’ uit Moskou. Zo vroeg Rusland vorige maand – weer – om de uitlevering van Boris Berezovski, de Russische miljardair die als fel criticus van president Poetin al jaren asiel geniet in Groot-Brittannië. Berezovski, die vorige maand opriep tot „gewelddadige omverwerping” van Poetins bewind, trad tevens op als broodheer van Litvinenko.

Vorig jaar ontstond een rel toen de Russische autoriteiten Britse diplomaten beschuldigde van spionage met behulp van apparatuur die verstopt zou zijn in een namaaksteen in een park in Moskou. En ook in de zaak-Litvinenko liet Moskou zich niet onbetuigd: na de moord startte de Russische recherche, in navolging van Scotland Yard, een onderzoek naar de dader(s). Ze verhoorden daartoe Berezovski in Londen.

De Brits-Russische onmin past binnen een breder patroon van toenemende spanning tussen Ruslanden en het Westen over onderwerpen als het omstreden Amerikaanse raketschild, het door Rusland geboycotte Poolse vlees en de kwestie-Kosovo. En, uiteraard, de zelfbewuste Russische opstelling waar het de energielevering aan West-Europa betreft.

Waarnemers gaan er van uit dat de assertieve Russische houding deels is ingegeven door de parlementsverkiezingen die voor december gepland staan. Een scherpere toon richting het buitenland is goed voor de binnenlandse populariteit.

De ferme Britse houding krijgt bijval van de meeste Britse commentatoren. „Europa en de VS moeten een politiek van robuuste betrokkenheid met Moskou aannemen”, aldus de Financial Times vandaag. De zakenkrant wijst in dit verband op de Duitse kanselier Merkel, die vorige week tijdens een bezoek aan Poetin al een ongewoon kritische toon aansloeg.