Bos groeit na storm uit tot mikadospel

Een storm richtte schade aan in het Harderbos in Flevoland. Maar de storm bevorderde ook de variatie. Dat is precies wat natuurbeheerders willen.

Het Harderbos is een ‘liggend bos’ geworden door de storm van 18 januari. Natuurmonumenten is er blij mee. Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold zeewolde natuurgebied foto rien zilvold Zilvold, Rien

Een avontuurlijke wandeling was beloofd. Stevig schoeisel en lange broek zouden „onontbeerlijk” zijn. En inderdaad, bij het bewonderen van ‘liggend bos’ moet heel wat worden geklommen en gebukt. Age Boonstra, beheerder van het natuurgebied Harderbos, leidde vorige week de eerste excursiegroep over of onder omgevallen bomen door. Waar de groep soms worstelt met een forse boomstam, klimt de beheerder moeiteloos over de hindernissen heen. Ondertussen vertelt hij met trots. „Op de Veluwe zie je liggend dood hout, hier in het Harderbos zie je liggend lévend hout.”

Boonstra begint zijn verhaal met in zijn handen een negen jaar oud exemplaar van Natuurbehoud, het magazine van Natuurmonumenten. Een deel van het bos werd daarin beschreven. Hij leest voor: „We schamen ons niet voor de rijen populieren, maar het duurt wel lang voor we ervan af zijn.”

De storm op 18 januari van dit jaar heeft een handje geholpen. Tien procent van de populieren in het bos is tegen de vlakte gegaan. „Dat geeft de natuur de kans zich snel te ontwikkelen tot een gevarieerd natuurbos”, zegt Boonstra. „We laten alles liggen en kijken wat er gebeurt. Ik durf te stellen dat bijna honderd procent van de omgewaaide bomen doorgroeit.” Het resultaat: liggend bos.

In het getroffen gebied zijn bijzondere taferelen te zien. Een populier hangt in een dode buurman, er zijn afgebroken populieren en veel liggende populieren die nog volop in blad staan. Ze liggen kriskras door elkaar, als een mikadospel. Links van het wandelpad staan naaldbomen zonder enige schade. Rechts is een populierengebied met veel schade in het centrum. Boonstra verklaart het verschijnsel: „Populieren zijn aangeplant voor de houtproductie. Het zijn harde groeiers. Ze worden hoog en vangen daardoor veel wind. Het wortelstelsel is daar niet op aangepast; dat is vrij ondiep, terwijl het een behoorlijke kracht te verduren krijgt. Aan de rand van een populierengebied is er minder concurrentie. Het wortelstelsel van de boom kan zich daar verder uitbreiden, waardoor de verankering steviger wordt.”

Het bos is nu tien jaar in handen van Natuurmonumenten. De populieren die er groeiden kregen de ruimte om te sterven en om te waaien. „Op die manier wilden we dynamiek en variatie brengen in het bos”, legt Boonstra uit. „Het effect was vergelijkbaar geweest met de huidige situatie. De storm heeft het proces alleen flink versneld.”

De tocht gaat over een omgevallen boom waar nieuwe loten door de bast heen breken. Populieren zijn in staat een breuk te overleven. De meeste boomstammen zijn niet geheel ontworteld. De wortels zijn flexibel en herstellen zich. Daardoor zijn ze in staat nieuwe uitlopers te vormen. Boonstra: „Wanneer de uitlopers het goed doen, afhankelijk van de toestand van de stam, dan worden het zwevende bomen. Dat proces zie je nu beginnen.”

Nieuwe diersoorten zullen zich volgens Boonstra niet snel aandienen in het Harderbos, maar de soorten die er thuis horen, profiteren van de situatie. Hij geeft voorbeelden van deze „effecten op microniveau”. In de kuilen die ontwortelde bomen hebben achtergelaten staat water. Deze poeltjes zijn ideaal voor libellen, kikkers en amfibieën. Een specht kan moeilijk gaten maken in vitale bomen en krijgt nu dus volop de kans. De boommarter kraakt het gat van de specht om het verder uit te hollen en een nest te maken.

Natuurmonumenten organiseert deze maand twee excursies door het gebied. Boomstra: „We willen mensen laten zien en uitleggen hoe het bos zich ontwikkelt na de storm. Er is nu veel te zien en in mei kan het nog net. Brandnetels groeien namelijk ook door. In augustus wíl je hier niet eens komen.” Het bos is vrij toegankelijk. Een deel van de route is wel verlegd. „We hadden de keuze tussen het opruimen van veertig bomen of de route verleggen. De natuur regelt haar eigen barrières.”

De terugweg brengt de groep bij een verzameling gekapte boomstronken. „Die zijn ooit gekapt om ruimte te kweken voor variatie”, verklaart Boomstra, „maar we hebben nu zo veel variatie dat kappen geen nut meer heeft”.