Strafhof begint onderzoek naar seksueel geweld

De aanklager van het Internationale Strafhof begint een onderzoek naar met name seksueel geweld in de Centraal Afrikaanse Republiek. Dat heeft hij vanmorgen in een verklaring bekendgemaakt.

Het Internationale Strafhof (ICC) in Den Haag is in juli 2002 opgericht om de ernstigste en meest grootschalige mensenrechtenschendingen aan te pakken als landen dat zelf niet kunnen of willen. De regering van voormalig rebellenleider François Bozizé, die in maart 2003 met een staatsgreep aan de macht kwam, heeft het ICC in december 2004 verzocht onderzoek te doen naar de strijd tussen rebellen en leger in 2002 en 2003. Vandaag maakte de Argentijnse aanklager Luis Moreno-Ocampo na een – volgens rechters en mensenrechtenorganisaties te lang durend – vooronderzoek bekend dat te zullen doen. „De nationale autoriteiten zijn niet in staat de benodigde juridische procedures uit te voeren, vooral het verzamelen van bewijs en het arresteren van verdachten”, aldus Ocampo.

Volgens de aanklager werden op het hoogtepunt van de strijd tussen rebellen en regeringsleger burgers vermoord en verkracht, en huizen en winkels geplunderd. Het is het eerste onderzoek van het Strafhof waarin de nadruk komt te liggen op seksueel geweld, kondigt Ocampo aan. Hij zegt de namen van 600 slachtoffers van verkrachting te hebben. Onder hen zijn oudere vrouwen, kinderen en mannen. In veel gevallen werden de verkrachtingen door meerdere personen uitgevoerd, onder het oog van derden, of werden familieleden gedwongen mee te doen, aldus de aanklager. „De informatie die we nu hebben lijkt erop te wijzen dat burgers in zulke aantallen werden verkracht dat het op grond van het internationaal recht niet genegeerd kan worden.”

Een argument om het onderzoek te openen is dat het geweld nog altijd doorgaat. Geregeld komen er berichtennaar buiten over geweld in de grensgebieden met Tsjaad en de West-Soedanese regio Darfur. „Om toekomstig geweld te voorkomen en blijvende vrede in de regio te bevorderen, hebben we de taak om te laten zien dat deze enorme misdaden niet ongestraft begaan kunnen worden.”

Het ICC heeft verder zaken lopen met betrekking tot Congo, Oeganda en Darfur.