Nederland vreest haast bij verdrag

De Nederlandse regering vreest dat de haast waarmee Duitsland als voorzitter van de Europese Unie een nieuw Europees verdrag tot stand wil brengen, ten koste zou kunnen gaan van de inwilliging van Nederlandse wensen ten aanzien van zo’n verdrag. Dat blijkt uit een brief die het kabinet gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. „Inhoud gaat boven tijdpad”, schrijven minister Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) en staatssecretaris Timmermans (Europese Zaken, PvdA).

De oppositie in de Tweede Kamer ziet de brief, waarin wordt geconstateerd dat over alle Nederlandse wensen ten opzichte van een nieuw Europees verdrag in Europa heel verschillend gedacht wordt, als ontoereikend. „Veel te vaag”, aldus Van Dijk (SP). Hij ziet de brief als een aankondiging van het Nederlandse kabinet dat veel van de elementen van de in 2005 in Nederland bij referendum verworpen Europese Grondwet in een nieuw Europees Verdrag zullen terugkeren. Ten Broeke (VVD) meent dat het kabinet met deze brief „al bezig is de terugtocht af te dekken”. De VVD’er hekelt met name de vaagheid van het kabinet over de getalscriteria voor de zogenoemde ‘rode kaart’ waarmee nationale parlementen Europese regelgeving zouden kunnen ‘afstemmen’. „Eerder was het kabinet daar duidelijker over.”

Ormel (CDA) en Blom (PvdA) menen echter dat de brief van het kabinet niets meer doet dan oude Nederlandse kabinetsstandpunten vertolken, en dat de regering hangende het Europese onderhandelingsproces niet te veel kan vertellen. De Kamerleden waren gisteren op bezoek in Berlijn.

Lees de brief van het kabinet via www.minbuza.nl/nl/actueel/brievenparlement