Broeder van Al-Qaeda, getraind in Libië

Fatah al-Islam voert strijd met het Libanese leger.

De terreurgroep is getraind in Libië, broeder van Al-Qaeda en tegenstander van alle andere Palestijnse facties.

Bij elke nieuwe geweldsronde in Libanon wordt onmiddellijk gespeculeerd over een nieuwe ronde burgeroorlog, zeker als er, zoals nu in Noord-Libanon, weer Palestijnen bij zijn betrokken. De burgeroorlog (1975-1990) begon immers als opstand tegen de Palestijnse staat-in-de-staat. Maar bij de hoog opgelaaide gevechten in Noord-Libanon van de afgelopen dagen is voorlopig maar één, zij het zwaar gewapende, extremistische splintergroep van Palestijnen betrokken.

De groep, Fatah al-Islam, gevestigd in en bij het vluchtelingenkamp Nahr al-Bared bij Tripoli, telt volgens de meeste bronnen niet meer dan 200 strijders en staat eerder als terreurgroep te boek. De Palestijnse beweging als zodanig in Libanon is de verdrijving van Yasser Arafat c.s. uit Beiroet in 1983 nooit te boven gekomen.

Met alle Palestijnse groepen heeft Fatah al-Islam gemeen dat het de ‘bevrijding van Jeruzalem’ als hoofddoel heeft, en met sommige dat vervolgens het vaandel van de islam in Palestina moet worden gehesen. Maar op de weg daarheen staat het alleen. In een vraaggesprek met de Israëlische Arabische krant Al-Sinnarah brandmerkte Fatah al-Islamleider Shakir al-Absi (51), een in Jericho geboren Palestijn, in maart alle andere Palestijnse facties als corrupt. Ook van het fundamentalistische Hamas, dat zich volgens hem in politieke spelletjes heeft laten meeslepen, moest hij niets hebben. Laat staan van het nationalistische Fatah van de Palestijnse president Abbas. Alleen de jihad leidt naar de overwinning.

Die jihad bestaat voor Absi, die in Libië in Gaddafi’s radicale tijd een militaire opleiding heeft gehad en in Nicaragua heeft gevochten, uit ongelijksoortige aanslagen. In Jordanië werd hij in 2004 samen met de (inmiddels gedode) Jordaanse terroristenleider Abu Musab al-Zarqawi bij verstek ter dood veroordeeld wegens de moord op een Amerikaanse diplomaat in Amman in 2002. In Libanon wordt zijn groep onder andere verdacht van aanslagen op twee minibussen in een christelijke wijk in Beiroet in februari, waarbij drie burgers werden gedood. Een van Absi’s strijders, die gisteren werd gedood, was volgens een Libanese veiligheidsfunctionaris verdachte in een mislukte poging tot een aanslag op een trein in Duitsland, vorig jaar juli.

Fatah al-Islam splitste zich eind vorig jaar af van de door Syrië gesteunde groep Fatah-Opstand van kolonel Abu Musa. Die splitste zich in de burgeroorlog weer af van het reguliere Fatah van Yasser Arafat en speelde een belangrijke rol bij Arafats verdrijving uit Libanon. Absi’s strijders verhuisden vervolgens uit Syrië naar Nahr al-Bared, een kamp dat, net als alle andere Palestijnse vluchtelingenkampen in Libanon, een bont palet aan guerrilla- en terreurgroepen onderdak biedt. Absi zelf arriveerde vanuit een Syrische gevangenis, waar hij was opgeborgen omdat hij een aanslag in de door Israël bezette Syrische Golan had willen plegen.

Sommige plaatselijke waarnemers geloven dat er een relatie bestaat tussen Al-Qaeda en Fatah al-Islam. Anti-Syrische Libanese partijen zien een Syrische hand in het geweld. Het Syrische leiderschap zou onrust willen stoken om berechting van (pro-)Syrische verdachten van de moord op de Libanese oud-premier Rafiq Hariri te voorkomen. „Dit is imitatie-Al-Qaeda, een Made in Syria Al-Qaeda”, aldus Libanons nationale politiechef.

Absi zelf zei in maart met geen enkel Arabisch regime banden te hebben. Ook niet met Al-Qaeda – „maar we zien hen als broeders die ook het vaandel van de islam hooghouden”.

Meer Libanese terreurgroepen: www.tkb.org