Voor 265.000 euro woon je op het station

NS verdient meer aan stations en de bouw van woningen en kantoren dan aan treinreizen. Deze week worden in Amersfoort de eerste 32 appartementen van NS opgeleverd.

Wonen op het station. De Nederlandse Spoorwegen nemen dat bijna letterlijk. In de directe omgeving van stations bouwt NS honderden appartementen en huizen. Daar, in de buurt van de stations, verdient NS zijn geld, niet met treinreizen.

Amor Forte, pal naast het station van Amersfoort, is deze week het eerste woningbouwproject dat NS oplevert, 32 woningen zijn klaar, 85 volgen er nog. De huizen, aanschafkosten vanaf 265.000 euro, vonden gretig aftrek, alle 117 zijn op voorhand al verkocht. Op vier andere locaties bouwt NS eveneens woningen.

Pamela Boumeester (49), directievoorzitter van NS Poort (een samenvoeging per 1 januari 2007 van NS Stations en NS Vastgoed), zegt op haar kantoor in Utrecht dat NS niet louter eigenbelang voor ogen heeft bij de stationsontwikkeling. „We halen een normaal rendement op onze investeringen, maar we willen ook iets moois doen voor de steden: meewerken aan behoud van historische binnensteden.”

NS bouwt ook kantoren bij stations, op zeven locaties verrijzen momenteel bedrijfspanden. Maar het blijft niet bij woningen en kantoren, zegt Boumeester. „Wij bouwen graag gemengd en verdicht.” Zo heeft NS plannen voor de bouw van scholen, met name ROC’s, nabij stations. In Nijmegen wordt op 8 juli de eerste ‘NS-ROC’ geopend, elders bestaan inmiddels bouwplannen. „Wij willen toe naar wat we wereldstations noemen, een integratie van wonen, werken, onderwijs, winkelen en vrijetijdsbesteding”, zegt Boumeester. Alles is mogelijk in de buurt van een station, ook een theater of een zwembad. Leiden wordt dit jaar voor NS een proefstation voor het uitproberen van het ‘wereldconcept’.

Bij de bouwplannen gaat het NS niet per se om het lokken van treinreizigers. Bewoners van de appartementen in Amersfoort krijgen ook een privéparkeerplaats en kunnen de trein mijden. Het zijn de vastgoedontwikkeling en de stationswinkels waar NS het meeste geld aan verdient. „Maar het één gaat niet zonder het ander”, zegt een woordvoerder van NS, „het grootste deel van de omzet op de stations komt op naam van treinreizigers.”

De cijfers zijn illustratief. NS Poort is de meest winstgevende van de drie divisies van NS. De omzet was vorig jaar 607 miljoen euro, het bedrijfsresultaat 120 miljoen. De andere twee divisies, Reizigersvervoer en Railinfra en bouw, hadden een hogere omzet, maar naar verhouding een veel lager resultaat. Reizigersvervoer boekte 149 miljoen winst op een omzet van 2,4 miljard euro, Railinfra en bouw 37 miljoen op een omzet van 955 miljoen.

NS Poort heeft het voordeel dat de grond rondom de stations al in bezit is van NS als voormalig staatsbedrijf. Een belangrijke kostenpost bij bouwprojecten blijft daardoor op nul staan.

NS heeft voor de exploitatie van winkels op stations een dochteronderneming opgericht, Servex. Onder deze overkoepelende organisatie ressorteren weer kleinere eenheden zoals Stationsfoodstore, de naam voor een bv die de Albert Heijn-winkels beheert, onder de naam AH to go. Deze winkelformule is een volledige franchise in handen van NS en een goudmijntje voor het bedrijf. AH krijgt onder meer betaald voor gebruik van zijn merknaam en de bevoorrading, maar de opbrengst is voor NS. De prijzen in een AH to go liggen voor veel producten fors hoger dan in een ‘gewone’ AH-supermarkt.

Het ideaalbeeld van NS Poort is de consument die op stations al zijn behoeftes kan bevredigen. De volgende stap is de nonfood-sector, zegt Pamela Boumeester. Het nieuwe centraal station in Berlijn is haar grote voorbeeld. Zoiets wil NS ook: grandeur, een architectonisch aantrekkelijk station en daar veel geld mee verdienen.