Seks, geweld en veel overlast

Homo-ontmoetingsplekken geven vaak veel overlast.

Gemeenten weten niet hoe ze het geweld en de hinder kunnen beteugelen. Gedogen of juist bestrijden?

De 35-jarige ‘seksrecreant’ vindt de overige mannen maar „een stelletje mietjes”. Hij wijst beschuldigend naar de tien andere bezoekers die elkaar rond lunchtijd vanuit de bosjes beloeren. „Je moet zo’n groepje potenrammers met z’n allen te grazen nemen. Heb je er nooit meer last van. Maar dat durven die lafbekken hier niet.” De bezoeker – sjekkie tussen gehavende tanden, blauw trainingspak en een petje achterstevoren op zijn hoofd – denkt dat met eigenrichting het geweld op de ontmoetingsplek langs de Brunssummerheide is te stoppen.

Onlangs werd een groep mannen uit Landgraaf tot twee jaar onvoorwaardelijke celstraf veroordeeld voor mishandeling, bedreiging en beroving van homoseksuele bezoekers op deze ontmoetingsplek. De groep handelde uit homohaat, verveling en de wetenschap dat de pakkans gering was: ze wisten dat de bezoekers uit schaamte of angst voor het thuisfront waarschijnlijk geen aangifte zouden doen, zo bleek tijdens de rechtszaak.

Dergelijk geweld op homo-ontmoetingsplekken komt vaak voor. Seksrecreanten worden mishandeld, neergestoken, met honkbalknuppels geslagen, van de weg gereden, beroofd en geïntimideerd. Intussen leidt het geflirt, of cruisen zoals bezoekers het zelf noemen, tot overlast voor omwonenden. Gemeenten die één van de circa driehonderd ontmoetingsplekken op hun grondgebied hebben, weten vaak niet hoe ze het geweld en de overlast kunnen beteugelen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) houdt zich niet met het onderwerp bezig en laat het beleid aan de leden over.

Dat beleid slingert tussen negeren en actief bestrijden. De regionale verschillen zijn groot. Zo pleit de VVD-fractie in Amsterdam voor ‘een soort gedoogstatus’ van de lokale ontmoetingsplekken. De collega’s in Zwolle beijveren zich juist voor sluiting van de plaatselijke baan.

Nog een paar voorbeelden: Spaarnwoude haalt geregeld de Schotse Hooglanders van stal om vrijende homoparen te verjagen. De gemeente Best beboet mannen die in het openbaar seks bedrijven op de parkeerplaats langs de A58. De overtreders krijgen geen acceptgiro thuis, maar mogen de boete op het politiebureau voldoen. Daarnaast worden mogelijke slachtoffers van geweld of beroving in de gelegenheid gesteld om al dan niet anoniem aangifte te doen bij de politie. Volgens de gemeente Best is de overlast op de parkeerplaats afgenomen.

De meeste gemeenten zijn nog niet toe aan een helder beleid. De baan (zoals een homo-ontmoetingsplek vaak wordt genoemd) bij het Noord-Limburgse Baexem kampt met een veelvoud aan problemen. Bezoekers worden beroofd, vertelt de politie. Bewoners van een nabijgelegen asielzoekerscentrum prostitueren zich er, minderjarige asielzoekers worden lastiggevallen door cruisende mannen. Dat roept soms weer gewelddadige tegenreacties op. Eddy Hermans, voorzitter van Gay Roermond, betoogt al jaren dat de baan een gedoogstatus moet krijgen. „We kunnen best afspraken maken tussen bezoekers en politie, zodat het voor iedereen veiliger en prettiger wordt.”

Aanvankelijk leek de gemeente Haelen, waar de baan in Baexem tot 1 januari onder viel, op een gedoogstatus af te stevenen. Maar vlak voor de gemeentelijke herindeling haalde Haelen een streep door dit plan. Een woordvoerder liet toen weten dat activiteiten op de kilometerslange baan onverenigbaar waren met het Kinder Vakantie Werk. „We weten best dat de bezoekers niet thuis op de sofa gaan zitten. Het probleem zal zich wel verplaatsen, maar dat is een zaak voor de politie”, aldus de zegsman.

De weerzin van het grote publiek tegen de banen kan Frank van Dalen, voorzitter van het COC, wel begrijpen. „Maar de ontmoetingsplekken hebben wel degelijk een functie. Veel homoseksuelen zijn bij gebrek aan een omvangrijke prostitutiesector voor mannen aangewezen op dit circuit. Anderen willen per se anoniem blijven, omdat ze thuis nog een heteroseksuele partner hebben. Daarnaast vindt een grote groep het natuurlijk ook gewoon spannend.”

Maar op deze manier doorgaan, is volgens Van Dalen onwenselijk. „Het schimmige trekt te veel randfiguren aan. En het geweld accepteren, zoals veel mannen nu doen, is de omgekeerde wereld. Dan zouden decennia van homo-emancipatie voor niets zijn geweest.”

De voorzitter zou graag zien dat de ontmoetingsplekken gereguleerd worden. „Een gemeente kan best afspraken maken met de bezoekers. Bepaalde overlast, zoals al te expliciete openbare seks, vervuiling en herrie worden niet geaccepteerd. Als bezoekers zich daar niet aan houden, dan kun je optreden. De politie weet waar ze aan toe is en de bezoekers ook.”

Zulke afspraken zorgen voor meer veiligheid, denkt hij. „Nu is de politie degene voor wie je bang moet zijn. Een bezoeker wil geen boete die op de deurmat ploft. Als je gedoogt, weet je als bezoeker dat de politie er niet alleen maar rondrijdt om je het leven zuur te maken. Als er dan iets ernstigs is, durf je naar de politie stappen.”

Het pleidooi van de COC-voorzitter krijgt steun van Jan Snijder, beleidsmedewerker van het Landelijk Expertisecentrum Diversiteit van de politie. „De politie zit er ook vaak mee in haar maag. Gemeenten vragen om handhavend optreden en een zero tolerance-beleid te voeren. Maar dat haalt niet zoveel uit, behalve dat je de problemen verplaatst.” Gedogen met harde en duidelijke afspraken is volgens hem beter.