Ruzie over de erfenis van Chiang Kai-shek

Chiang Kai-shek is al 32 jaar dood, maar de vroegere Chinese krijgsheer en latere president van China en Taiwan doet de gemoederen nog steeds hoog oplaaien. Zaterdag gingen in het centrum van Taipei honderden demonstranten met elkaar en met de oproerpolitie op de vuist nabij de statige Chiang Kai-shek Memorial Hall. Aanleiding tot de ongeregeldheden was het besluit van de huidige Taiwanese president Chen Shui-bian om het hoge, stenen gebouw met tempeldak om te dopen tot de Taiwan Democracy Memorial Hall.

Zeven jaar geleden werd Chen de eerste president die het machtsmonopolie van de Kwomintang (KMT) doorbrak – de door Chiang Kai-shek geleide ‘nationalisten’ die na hun nederlaag tegen de communisten het Chinese vasteland in 1949 ontvluchtten. Lange tijd bestuurde de KMT Taiwan als een politiestaat, maar nu is zij een ‘gewone’ politieke partij.

President Chen Shui-bian, voortgekomen uit het Taiwanese verzet tegen de KMT, jaagt Peking keer op keer tegen zich in het harnas met provocaties over de wenselijkheid van echte onafhankelijkheid van de eilandstaat. Ook de KMT moet niets hebben van openlijke vijandschap jegens China – ook volgens haar is Taiwan uiteindelijk een provincie van China.

Volgend jaar zijn er weer presidentsverkiezingen, en Chens partij staat er niet best voor. Misschien daarom dat Chen, nu hij het nog kan, zoveel mogelijk symbolen van Chiang Kai-shek wil laten weghalen.

Eerder verdwenen al de standbeelden van Chiang bij de kazernes in het land.