Ponies schilderen Meeuw zwart-wit

Toneel: Meeuw van Tsjechov door Ponies/ Paardenkathedraal. T/m 28/6 in Paardenkathedraal, Utrecht. Inl: 030-2711414 en www.theatergroep-ponies.nl.

Het moet zo’n idylle zijn, dat landhuis aan het meer. Maar op het toneel ziet het decor dat Tsjechov in De Meeuw voorschrijft er somber uit. Het meer is nergens te bekennen, en het is er altijd noodweer.

Theatergroep Ponies pakt Tsjechov niet zachtzinnig aan. Dit jonge collectief uit Utrecht is gewend aan zelfbedachte voorstellingen met veel beweging. Nu waagt het zich aan echt teksttoneel. Wat blijft, zijn de forse effecten – gesanctioneerd door regisseur Dirk Tanghe. De gelauwerde leider van De Paardenkathedraal wilde met een nieuwe lichting aan de slag, om vastroesten te voorkomen. Dus koos hij een stuk over de botsing tussen gesettelde theatermakers en de aanstormende generatie.

In De Meeuw vecht de beginnende toneelschrijver Kostja voor erkenning. Net als Nina, een grasgroen meisje dat droomt van een loopbaan als actrice. Aan de oevers van het meer voeren Nina en Kostja hun stuk op. De oudere generatie hoont de jongere weg. De gevestigde schrijver Trigorin en de gevierde actrice Arkadina gebruiken al hun talenten om de nieuwkomers te vernederen. Het feit dat Kostja de zoon van Arkadina is, weerhoudt haar niet van vals spel. En Nina’s ongereptheid is voor Trigorin reden te meer om haar te gronde te richten.

De gemeenheid van de heersende garde bevuilt ook dat mooie plekje aan het meer. De lelijkheid van het decor is dus een consequente keuze. Maar het is wel een zwart-witte interpretatie, met de jonge theatermakers als slachtoffers en de oudere als perverse daders. Wat lag dat anders bij De Meeuw van regisseur Theu Boermans, die ook de jongeren dubieuze kanten gaf.

De zwart-wit-kijk op de oneerlijke strijd wordt nog versterkt doordat de rollen van de jongeren slechter worden ingevuld dan die van de ouderen. Anne van Weeghel speelt een non-descripte Nina en Fabian Holle zet als Kostja te vaak een huilstem op. De Trigorin van Klaas Postmus is veel beter: onaantastbaar onuitstaanbaar. Miek Uittenhout, als Arkadina, is een virtuoos spelend loeder.

Als deze Meeuw een portret is van Tanghes generatie, de vijftigers, dan komt die er niet goed vanaf. En als het een portret is van de Ponies-generatie, de twintigers, komt die er óók niet goed vanaf. Want de jonge kunstenaars zijn hier niet aan de ouderen gewaagd.