Een ‘moderne Indiana Jones’ komt thuis

Tot gisteren zat Australiër David Hicks ruim vijf jaar vast op Guantánamo Bay

Hicks’ slepende zaak werd een pr-nachtmerrie voor de Australische regering.

David Hicks is geen lieverdje. De 31-jarige Australiër was ooit rodeorijder, haaienvanger en kangoeroevilder. Een „moderne Indiana Jones”, omschreef zijn ex-vrouw hem aan Australische journalisten. Op 14-jarige leeftijd werd hij van school gestuurd en koos uiteindelijk voor een leven als huurling. En de afgelopen vijf en een half jaar zat hij vast in de terreurgevangenis op de Amerikaanse marinebasis Guantánamo Bay in Cuba.

Gisteren kwam hij terug in Australië. Na een schuldbekentenis eerder dit jaar mag hij zijn straf ‘thuis’ uitzitten in de zwaarbewaakte Yatala-gevangenis in Adelaide.

Hicks is geen held, zei de Australische minister van Justitie Ruddock gisteren nogmaals, zijn eigen twijfelachtige keuzes hebben hem in deze positie gebracht. „Als mensen trainen bij terroristische organisaties en als die training ertoe leidt dat ze weten hoe ze burgers moeten aanvallen, dan is dat een serieuze zaak.”

David Hicks vertrok in 1999 na het zien van tv-beelden naar de Balkan om in het Kosovo Bevrijdingsleger tegen de Serviërs te vechten. Bij terugkomst in Australië bekeerde hij zich tot de islam, volgde diensten bij de Gilles Plains-moskee in Adelaide en ging daarna volgens zijn vader naar Pakistan „om de koran te bestuderen”. Volgens Australische en Amerikaanse inlichtingendiensten is hij daar gerekruteerd voor de verboden Pakistaanse terreurorganisatie Lashkar-e-Taiba, die strijdt voor de afscheiding van Kashmir van India. Lashkar heeft banden met Al-Qaeda.

Drie jaar later ging hij naar Afghanistan. Daar kreeg Hicks in een kamp bij Kandahar een basistraining (hoe iemand te ontvoeren of om te brengen), zo blijkt uit transcripten van de Australische federale politie die hem ondervroeg op Guantánamo Bay. Hij leerde er guerrillatactieken en urban warfare. Hij wilde strijden tegen „iedereen die moslims onderdrukte”. In een brief aan zijn ouders vertelde hij Osama bin Laden te hebben ontmoet, iets dat hij later ontkende. Hij zou Bin Laden alleen maar hebben gezien. „Ik probeerde misschien gewoon een big shot te zijn. Kan je het je voorstellen hoe iemand uit Adelaide in deze wereld stapte? Spionnen, politiek, oorlog.”

Maar toen kwam 11 september. Hicks zat in Pakistan en zag de aanslagen. Tegen de Australische federale politie zei hij tijdens zijn ondervraging: „Dat is geen islam. Het is het tegenovergestelde van wat ik was, van wat ik wilde doen.” Dan lopen de verklaringen uiteen. Hicks verklaarde tegenover de Australische ondervragers dat hij destijds zo snel mogelijk terugwilde naar Australië, maar dat hij zijn bagage nodig had die nog in Afghanistan lag. Daarin zat onder meer zijn geboortebewijs en geld. Volgens het Pentagon was hij echter van plan te vechten. „Ik ga naar Afghanistan om Kabul te verdedigen”, vertelde hij in een telefoongesprek met zijn ouders. „Hij ging met een overtuiging”, vertelde zijn vader begin 2002.

Twee weken later werd hij door de Noordelijke Alliantie opgepakt en voor duizend dollar verkocht aan de Amerikanen. In februari 2002 kwam Hicks aan op Guantánamo Bay als een van de eerste vermeende Al-Qaeda- en Talibaanstrijders. Hij was in 2004 de eerste gevangene die officieel werd aangeklaagd en begin dit jaar terecht stond voor een militaire commissie, een soort oorlogstribunaal. Op de eerste zittingsdag bekende hij schuld aan materiële steun aan terroristen.

In ruil voor die bekentenis kreeg Hicks negen maanden cel, een fractie van de levenslange straf die hem voor samenwerking met terroristen boven het hoofd hing. De straf zal hij doorbrengen in de zwaarbewaakte G-sectie van de Yatala Labour-gevangenis. Hij zal geen fysiek contact mogen hebben met zijn bezoek. Hij mag niet financieel profiteren van boeken en films die over hem worden gemaakt. En een jaar lang zal hij niet direct of via een derde met de media mogen praten over zijn arrestatie in Afghanistan en zijn gevangenschap op Guantánamo Bay.

Met Hicks’ thuiskomst eindigt voor premier Howard en zijn regering een pr-nachtmerrie. Volgens de in 2001 geldende Australische wet was het niet strafbaar om een opleiding bij Al-Qaeda te volgen. Als de Amerikanen Hicks zouden overdragen, dan zou hij moeten worden vrijgelaten. Dat gebeurde ook onder meer in Groot-Brittannië, Zweden en Duitsland met mannen die op Guantánamo Bay vastzaten. Dat ging de regering-Howard, bondgenoot van de Amerikanen in de strijd tegen terreur, te ver: Hicks was immers door terroristen opgeleid en vormde een gevaar voor Australië.

Maar zijn almaar durende gevangenschap – de eerste jaren zonder dat hij werd aangeklaagd en zonder dat hij een advocaat kreeg toegewezen – en de voortdurende geruchten over mishandeling, zorgden ervoor dat de kritiek van mensenrechtenadvocaten en oppositie zich verspreidde onder de Australische bevolking. Hoe kon dit een Australisch staatsburger overkomen? Het dreigde zelfs een thema tijdens de komende verkiezingen te worden.

Oppositieleider Kevin Rudd noemde het gisteren „handig” dat Hick nu juist vrijkomt op dit moment in de „politieke cyclus”. En senator Natasha Stott Despoja zei tegen de krant Herald Sun dat de verandering in houding van de regering „alleen te danken was aan de groei van publieke steun voor Hicks in een verkiezingsjaar”.

Ook Hicks’ familie heeft kritiek, zo vertelde advocaat Stephen Kenny gisteren telefonisch. De familie denkt dat Hicks bekend heeft om naar Australië te worden overgebracht. „Dat is beter dan een onzekere rechtszaak voor een oorlogstribunaal dat nergens ter wereld wordt erkend”, aldus Kenny. Desalniettemin is de familie opgelucht. Onbekend is wanneer zij Hicks mag bezoeken.

Website van familie en vrienden van Hicks: www.fairgofordavid.org