Verval dreigt voor villa Brno

De Tsjechische gemeente Brno en familie van de eigenaren ruziën over het herstel van villa Tugendhat, een ontwerp van Mies van der Rohe. Nog een winter zal de villa niet overleven.

Het is oorlog in Villa Tugendhat. De muren vechten tegen vocht, de terrastegels tegen vuil, het houtwerk tegen wormen en de pilaren in de woonkamer tegen de zwaartekracht. En geen zicht op vrede.

De villa, op een groene heuvel van de Tsjechische stad Brno, geldt als een van de mooiste werken van de Duits-Amerikaanse architect Ludwig Mies van der Rohe (1886-1969), bekend om zijn modernistische bouwstijl, zijn devies ‘minder is meer’ en zijn strakke (volgens sommigen saaie) wolkenkrabbers in de VS. Maar door een hoog opgelopen ruzie tussen de voormalige joodse eigenaren en de gemeente Brno kraakt het gebouw in zijn voegen. „Gelukkig was de laatste winter zacht”, zegt architect Iveta Cerná, die het pand namens het gemeentemuseum beheert of beter gezegd: in leven houdt.

Mies van der Rohe ontwierp de woning eind 1928 in opdracht van het echtpaar Grete en Fritz Tugendhat, telgen uit rijke textielfamilies in Brno, dat toen nog in Tsjechoslowakije lag. Twee jaar later betrok het gezin het droomhuis, om er acht jaar later, toen Hitler Sudetenland opslokte, weer uit weg te vluchten, eerst naar Zwitserland en later naar Venezuela. Tijdens de oorlog nam de Gestapo het huis in beslag, het werd onder meer gebruikt als paardenstal. Daarna weigerden de communisten het terug te geven. Zij maakten er een gymzaal en later een kinderziekenhuis van.

Vandaag slenteren een tiental giechelende Amerikaanse architectuurstudenten door de villa, die in 2001 door Unesco op de lijst van werelderfgoed werd gezet. Alles gaat op de foto, ook de door Mies van der Rohe zelf ontworpen lichtknoppen en deurkrukken en de elektrische bediening van de raampanelen; destijds al baanbrekend en nog steeds „amazing”.

Wondermooi, maar gehavend. De drie kinderen van het echtpaar Tugendhat eisten vorig jaar opnieuw hun villa terug, omdat de gemeente Brno ondanks beloftes nog niet is begonnen met de renovatie. De familie zegt ook geschokt te zijn door een corruptieaffaire rondom de selectieprocedure van architecten voor het herstelwerk, een kwestie die de renovatie alleen maar verder heeft vertraagd.

Het hart van het gebouw is de lounge, een ononderbroken ruimte met in het midden een dunne scheidingswand van onyx, waar je helemaal omheen kunt lopen. Met behulp van gordijnen kunnen hoekjes worden gecreëerd. Het plafond wordt niet gedragen door zware steunmuren, maar door ranke, verchroomde pilaren. Een glaswand, die op sommige plekken open kan als een autoraam, biedt een schitterend uitzicht op de tuin en op het kasteel van Brno. Verderop staat de tafel waaraan in 1992 de opsplitsing van Tsjechoslowakije werd bekokstoofd door Tsjechische en Slowaakse leiders.

In januari stond het stadsbestuur van Brno op het punt om de villa terug te geven. Burgemeester Roman Onderka beschouwde het zelfs als zijn „morele plicht”. Maar een maand later maakte de gemeenteraad een bocht van 180 graden, nadat de Tugendhats een origineel standbeeld uit de villa voor één miljoen pond (1,5 miljoen euro) lieten veilen door Sotheby’s in Londen.

„De familie had de steun van alle specialisten en van de publieke opinie”, zegt Cerná. ,,Maar die steun is na de verkoop van het standbeeld verdampt. De familie zegt dat de villa nooit zal worden verkocht, maar er doen inmidddels hardnekkige geruchten de ronde dat het Museum of Modern Art in New York zich als koper heeft gemeld.”

Brno wil de villa in eigen beheer houden: voor dit jaar heeft burgemeester Onderka 15 miljoen kroon (533.000 euro) toegezegd voor de grootste noden in het pand. Voor een grondige renovatie, nu gepland in september, is minstens het tienvoudige nodig.

Het geveilde standbeeld, Torso van een lopende vrouw door de Duitse expressionist Wilhelm Lehmbruck, was teruggeven aan de familie op basis van een wet over geroofde oorlogskunst. Volgens jongste dochter Danielle Hammer-Tugendhat, kunsthistorica in Wenen, had het beeld grote emotionele waarde voor de familie, temeer omdat het een favoriet was van moeder Grete. Daarom was de verbazing groot toen een onbekende Amerikaanse verzamelaar het mocht kopen.

„Het is meteen van Brno naar Londen vervoerd”, zegt Cerná. „Het heeft misschien een uur in Wenen gestaan. Natuurlijk, het is hun eigendom, ze mogen ermee doen wat ze willen, maar dit was niet erg diplomatiek.” De Tugendhats zeggen dat het geld zal worden gebruikt voor de renovatie, die steeds urgenter wordt omdat nu ook de basisstructuur van het gebouw is aangetast.

Eerdere herstelwerkzaamheden in de jaren tachtig waren achteraf gezien te oppervlakkig. De effecten van die kuur zijn uitgewerkt. Cerná: „Er zit water in de muren en de riolering is defect. Van de acht toiletten doen vijf het niet. De elektrische installaties zijn sterk verouderd en de muren beginnen barsten te vertonen. Nóg een winter zal de villa niet overleven.”