Stop met het geven van doelsubsidies

De toekenning van subsidie voor achterstandsleerlingen aan het Barlaeusgymnasium heeft in de media de nodige aandacht gekregen. Minister Plasterk verwoordde in een reactie het dilemma van de Haagse beleidsmakers: `of je moet een regeling heel ingewikkeld maken om ervoor te zorgen dat je precies de beoogde doelgroep bereikt, of je moet op de koop toenemen dat deze incidenten zich voordoen`. Ik begrijp niet dat hij daaruit niet de meest voor de hand liggende conclusie trekt: stop met het geven van doelsubsidies.

Decennia van extra subsidies aan steeds weer anders gedefinieerde achterstandsgroepen hebben mijns inziens geen enkel aantoonbaar positief effect gehad. De problemen rond onderwijsachterstanden en schooluitval zijn in ieder geval niet minder geworden in de afgelopen jaren. Een parlementair onderzoek naar de miljarden die daar in zijn gaan zitten lijkt mij dan ook een stuk zinvoller dan een onderzoek naar fictieve onderwijsvernieuwingen.

Alle leerlingen in Nederland hebben er recht op goed onderwijs te krijgen, waarin zij zich maximaal kunnen ontplooien.

Als de politiek zorgdraagt voor fatsoenlijk bekostigd onderwijs, dan is dat niet alleen goed voor achterstandsleerlingen, maar ook voor allerlei andere doelgroepen die op dit moment minder in de politieke belangstelling staan.

Een positief bij-effect van het afschaffen van doelsubsidies is dat het een enorme structurele bezuiniging oplevert op het ambtenarenapparaat dat belast is met het bedenken, uitvoeren en controleren van die regelingen. Misschien kunnen ze zich dan laten omscholen tot leraar.