Nieuw leren met z’n negenen

Het nieuwe leren ligt onder vuur. Maar op het Orion College in Breda trekken ze zich daar niks van aan.

Jacqueline Kuijpers

De kleinste middelbare school van Nederland staat in Breda. Negen leerlingen heeft het Orion College voor havo en atheneum, dat dit schooljaar van start is gegaan in een groot practicumlokaal van een vmbo-school.

Midden in dat lokaal staan tafels opgesteld in een grote rechthoek. Rector en leergroepbegeleider Kitty Janssen is bezig met de dagelijkse ‘ontvangst’. “Ik heb jouw tekst over je presentatie nog niet ontvangen”, zegt ze tegen één van de leerlingen. “De afspraak was dat het vandaag binnen moest zijn. Ik ga er van uit dat je het me binnen tien minuten mailt.” De jongen knikt. Dan wordt de agenda van de dag doorgenomen. Er is een gastles over keramiek en ’s middags staat er yoga op het programma. Verder komen de docenten Frans en Engels allebei anderhalf uur om de leerlingen die extra steun kunnen gebruiken, individueel te begeleiden. Dan gaat iedereen aan het werk: de leerlingen pakken hun laptop en gaan aan hun eigen taken werken.

Robert (13) bijvoorbeeld is bezig met zijn autobiografie: een tekst die ieder schooljaar moet groeien tot er na vijf of zes jaar een echt egodocument staat. Robert is nieuw. Hij komt van een andere middelbare school waar hij het niet zo naar zin had. “Ik zat daar in de bank alleen een beetje te luisteren naar al dat gepraat van die leraren. Op den duur zag ik alleen nog maar monden bewegen.”

Op het Orion College construeren de leerlingen hun eigen kennis, zoals dat heet. Dat is het uitgangspunt van het ‘nieuwe leren’ waarvan de school een exponent is, hoewel Kitty Janssen die term achterhaald vindt. “Het is niks nieuws, het is leren dat past bij de leerlingen van nu. Wat Luc Stevens zegt, klopt gewoon.” Luc Stevens is emeritus hoogleraar orthopedagogiek, onderwijsadviseur en één van de motoren achter het nieuwe leren. Ze doelt op zijn uitspraken over leerlingen die zich vervelen in de ‘reguliere’ middelbare schoolklas: de snelle leerlingen die op de langzame moeten wachten en de langzame leerlingen die moeten wachten tot de leraar voor hen tijd heeft. Het nieuwe leren draait de zaak om: niet de leraar met zijn boodschap staat centraal, maar de leerling en diens behoefte om zich te ontwikkelen. De leraar is coach en moet de leerlingen uitdagen om steeds een stapje verder te gaan.

Op het Orion College zijn geen vakken, geen schoolboeken, geen huiswerk, geen proefwerken, geen cijfers. Wat er wel is: leergebieden (mens en maatschappij, mens en natuur, talen, kunst en cultuur, sport en beweging), zelfstandig werken, deadlines, een portfolio, keuzevakken en de Studium Generale, waarin leerlingen presentaties geven of gastdocenten een college verzorgen: van de waterstofeconomie tot moderne communicatie – leren bloggen! – , de opkomst van China en traditionele indiaanse geneeswijzen: alles kan aan bod komen. Iedere zes weken staat een ander thema centraal. Als dat ‘kunst en cultuur’ is wordt er een paar weken niets aan wiskunde gedaan. “Maar”, zegt Kitty Janssen, “uiteindelijk krijgen alle leergebieden de aandacht die nodig is.”

Rode draad in het leerproces van leerlingen vormt hun ‘passie’. Zij formuleren een onderzoeksvraag waaraan ze het hele jaar door met regelmaat werken. Zo onderzoekt Robert het verschil tussen een Boeing 747 en een Airbus A380. Taal leren doen ze onder meer door een verslag over hun passie in het Engels of in het Frans te schrijven. Woordjes leren ze niet door rijtjes te stampen maar door ze op te zoeken in het kader van hun werkstukken.

Véronique Miegielsen, moeder van Thomas, koos bewust voor het Orion College. “Thomas heeft de hoogste Cito-score gehaald, maar zijn tempo is niet hoog. Hij is snel verveeld, maar als hij zelf iets mag uitzoeken duikt hij er helemaal in. Het motto van deze school – ‘jij volgt geen onderwijs, onderwijs volgt jou’ – past dus. Leerlingen mogen hier zichzelf zijn. Er wordt niets afgebroken. Ze maken er hele mensen van.”

De vraag die rijst is of leerlingen op deze manier voldoende leren om met goede cijfers te slagen aan het einde van de rit. Vmbo-leerlingen van Slash 21 (het vierjarig experiment met het nieuwe leren in de Achterhoek) bleken te moeten worden bijgespijkerd voor het eindexamen omdat zij de stof onvoldoende beheersten. Kitty Janssen kijkt nog niet zo ver vooruit, maar voorziet geen problemen. “In de derde klas nemen wij een vmbo-t examen af als ijkpunt. Verder hebben wij een heel goed leerlingvolgsysteem en jaarlijks vier uitgebreide voortgangsrapportages. Omdat de groep zo klein is, is het voor de docenten gemakkelijk om de ontwikkeling van de leerlingen te volgen. De kerndoelen en eindtermen staan centraal. Als de spreekvaardigheid in het Engels onvoldoende is noteren we dat als aandachtspunt voor de volgende periode. En natuurlijk zullen we examentraining doen. Wij leren hier zoveel mogelijk geïntegreerd, zoeken de verbanden. Maar voor het examen moet alles weer in vakjes.”

Over zeven jaar moet het Orion College 300 leerlingen hebben om niet opgeheven te worden. Voor volgend jaar hebben zich elf nieuwe leerlingen aangemeld.

www.orioncollege.nl