Mislukte top in Rusland is geen reden tot alarm

De mislukte top tussen de Europese Unie en Rusland in Samara is het voorlopige dieptepunt in een spiraal van confrontaties en beschuldigingen. De tijdelijke Duitse voorzitter van de EU, bondskanselier Angela Merkel, de voorzitter van de Europese Commissie, José Manuel Barroso, en de Russische president, Poetin, zijn er niet in geslaagd de samenwerkingsovereenkomst te vernieuwen die binnenkort na tien jaar afloopt. Toch is het goed dat de leiders hun onderlinge verschillen niet hebben willen verbloemen. De harde stijl van Poetin gaf ook geen aanleiding tot een warme slotverklaring. Uiteindelijk is geen akkoord beter dan een slecht akkoord.

In de Koude Oorlog zou zo’n diplomatieke mislukking angst hebben ingeboezemd. Nu kunnen de Europeanen rustig gaan slapen, of ze nu Rus, Pool of Nederlander zijn. Dat is vooruitgang. Er staan geen grote legers meer tegenover elkaar en de massavernietigingswapens staan minder op scherp. In dit verkiezingsjaar kan Poetin zich in eigen land populair maken met antiwesterse retoriek zonder dat hij direct de wereldvrede in gevaar brengt. Van vijand is Rusland gepromoveerd tot nu eens bondgenoot en dan weer tegenstander.

Voorlopig staat Rusland op winst en dat is in de recente geschiedenis wel anders geweest. In de jaren negentig werd het oude Sovjetrijk langs vreedzame weg ontmanteld en op zich is dat uniek. Dat Russen daaraan een kater hebben overgehouden, is begrijpelijk. In Rusland verdienden oligarchen en buitenlandse investeerders aan wild kapitalisme. Hulpgelden en leningen verdwenen naar Zwitserse bankrekeningen. Het Russische volk is er helaas meestal niet beter van geworden. Welwillende diplomatieke ouvertures van Russische leiders naar het Westen indertijd zijn niet altijd beloond.

De assertieve president Poetin is erin geslaagd ten minste symbolisch een einde te maken aan de malaise in eigen land. Dankzij inkomsten uit elders schaarse grondstoffen, waaronder olie en gas, staat zijn land er financieel goed voor. Voorlopig wekt Poetin de schijn dat hij zich van niemand iets aantrekt. Van de voorgenomen strategische samenwerking met de VS is niets terechtgekomen. Rusland werkt de vorming van een onafhankelijk Kosovo tegen en levert wapens en kerntechnologie aan Iran. De EU-lidstaten probeert Poetin uit elkaar te spelen. Op het gebied van energie lukt dat regelmatig en dat is jammer nu de Europese Unie zelf nauwelijks energievoorraden heeft. Daarin wreekt zich de zwakke politieke structuur van de EU en de afwezigheid van een gemeenschappelijk energiebeleid. De landen moeten het in hun eentje oplossen en dus sloten Duitsland en Hongarije hun eigen pijplijnakkoord met Rusland.

Het is gunstig dat Poetin door zijn aanvaringen de Europese lidstaten in elkaars armen drijft. De tegenstellingen tussen West-Europa en de nieuwe lidstaten uit het voormalige Oostblok worden minder. Barroso ziet de Russische boycot van Pools vlees en Poetins bemoeienis met Litouwen en met de verwijdering van een oud Sovjetmonument uit de hoofdstad van Estland terecht als EU-zaken. De achteruitgang van de democratie in Rusland en de onderdrukking van demonstraties waren legitieme onderwerpen tijdens de top.

Als rijk gebied met drie keer zoveel inwoners als Rusland hoeft de Europese Unie niet te zijn overgeleverd aan chantage. Economisch is een eensgezinde Europese Unie een wereldmacht. Het is daarom wijs van Angela Merkel om een gemeenschappelijke energiemarkt op de agenda te zetten. Ook consumenten hebben macht. Voorlopig is Rusland voor de afzet van energie op Europa aangewezen. De EU hoeft de confrontatie niet op te zoeken. Maar als Poetin gebruik kan maken van verdeeldheid binnen de EU, hebben de lidstaten dat aan zichzelf te wijten.