Gezond eten beschermt rokers tegen obstructieve longziekte

Rokers die gezond eten met veel fruit, groente, volkorenproducten en vis, lopen de helft minder risico op chronische obstructieve longziekte (COPD). Een gezond voedingspatroon verklaart daarmee deels waarom niet iedere roker COPD ontwikkelt. (Thorax online, 15 mei)

Medewerkers van de Harvard School of Public Health ontdekten in twaalf jaar 111 gevallen van COPD bij 43.000 deelnemers aan de Health Professionals Study, overwegend artsen van 40 tot 75 jaar oud, allemaal mannen. Het gaat hier om een langlopend onderzoek naar het verband tussen voedingsgewoonten, leefwijze en allerlei ernstige ziekten. Naarmate proefpersonen meer aten van het gezonde dieet (‘verstandig’ volgens de onderzoekers) daalde kans op COPD tot de helft terwijl die juist opliep tot 4,5 keer zo hoog bij de mannen met een grote voorkeur voor een typisch Amerikaanse hap met veel kant-en-klare producten en rood vlees.

Verreweg de belangrijkste oorzaak van de longbeschadiging bij COPD-patiënten is blootstelling aan sigarettenrook, met daarnaast een kleinere rol voor luchtvervuiling en andere irriterende stoffen. De klachten zijn een piepende ademhaling en kortademigheid met hoesten, kuchen en slijm. COPD is na longkanker de belangrijkste doodsoorzaak onder rokers. Van de Amerikaanse artsen rookten er weinig: 5% onder de verstandige eters en 14% onder de liefhebbers van fast food. Die tweede groep deed minder aan sport en leeft dus over het geheel minder gezond.

111 gevallen van COPD bij meer dan 40.000 artsen is niet veel – in Nederland lijdt zo’n 2,4% van de mannen en 1,7% van de vrouwen aan COPD. De verklaring kan zijn dat het Amerikaanse onderzoek pas twaalf jaar loopt, maar het lage percentage rokers onder de artsen speelt natuurlijk mee (in Nederland rookt bijna 30% van de volwassenen).

Om te zien of het verband tussen voeding en COPD reëel is, hebben de onderzoekers verder gekeken naar de Nurses’ Health Study, de vrouwelijke tegenhanger van de Health Professionals Study. Ook bij de verpleegkundigen waren er duidelijk minder gevallen van COPD bij een ‘verstandig’ dieet. De onderzoekers geven geen exacte getallen omdat ze die apart willen publiceren.

Mensen die het roken niet kunnen laten, doen er dus goed aan zo gezond mogelijk te eten. Losse vitaminen slikken is geen alternatief, want uit twee eerdere studies is gebleken dat COPD niet afneemt als zware rokers extra vitamine A of bèta-caroteen slikken. Erger: rokers die extra van deze vitaminen slikten, kregen zelfs vaker longkanker. Het is vermoedelijk de combinatie van bestanddelen in gezonde voeding die bescherming biedt.

Bart Meijer van Putten