Erfenis van Zalm is hypotheek voor Bos

Toen hij ruim drie maanden geleden de sleutels van de schatkist overhandigde aan zijn opvolger Wouter Bos, kon oud-minister Gerrit Zalm van FinanciëN bij velen in het land bogen op een bijna vlekkeloze reputatie. Tijdens zijn bewind zijn de collectieve uitgaven drastisch verminderd. Bij zijn aantreden in 1994 gaf de overheid 56 cent uit van elke in ons land verdiende euro, op dit moment is dat nog maar 46 cent van iedere euro. Het geringere beslag vanuit de overheid op het nationaal inkomen maakte het mogelijk het belastingpeil fors te verlagen, terwijl het begrotingstekort in februari jongstleden leek te zijn weggewerkt. Doordat de tekorten op de overheidsbegroting kleiner werden en de economie groeide, is de schuld van de overheid in de afgelopen twaalf jaar teruggelopen van 75 tot minder dan 50 procent van het nationaal inkomen. Zalm zwaaide af met het imago van een schatkistbewaarder die de hand op de knip wist te houden, zonder zijn collega’s in de ministerraad door een starre opstelling te veel tegen zich in het harnas te jagen. De VVD benoemde hem onlangs tot erelid.

Bij gelegenheid van zijn afscheid verscheen een bundel opstellen over overheidsfinanciën en fiscaliteit na twaalf jaar minister Zalm. In zijn inleiding memoreert de secretaris-generaal van het ministerie van Financiën, Ronald Gerritse, dat Zalm de langstzittende bewindsman op het departement is geweest. Hij merkt ook op dat de bundel Per saldo geen ‘hagiografie’ is geworden. De bijdrage van de econoom Bas Jacobs plaatst de verdiensten van Zalm inderdaad in een ander licht. Jacobs concludeert met kracht van argumenten dat het sinds 1994 gevoerde begrotingsbeleid niet altijd de toets der kritiek kan doorstaan.

Hoewel het uitgavenpeil fors is afgenomen en de belastingen zijn verlaagd, is de vermogenspositie van de overheid onder Zalm uitgehold. Want de schuld van de overheid (het bedrag van de uitstaande staatsobligaties) als aandeel van het nationaal inkomen mag dan met eenderde zijn gedaald, maar de waarde van de bezittingen op de staatsbalans is nog sterker verminderd. Zo zijn voor meer dan 60 miljard euro aandelen in voormalige staatsbedrijven afgestoten. Verkoop van grond en gebouwen maakte de balans bijna 40 miljard euro lichter. En de waarde van het staatsaandeel in toekomstige aardgaswinsten liep sterk terug, doordat de gasvoorraad langzaam uitgeput raakt.

De naam van Zalm is onverbrekelijk verbonden aan de door hem geïntroduceerde norm voor de overheidsfinanciën. Een belangrijk onderdeel van deze zalmnorm is dat sinds het midden van de jaren negentig elk nieuw aangetreden kabinet een plafond voor de overheidsuitgaven afspreekt. Hoewel deze afspraken belangrijk hebben bijgedragen aan het beter beheersbaar maken van de overheidsfinanciën, is het plafond in de periode 2001-2003 geschonden. Bovendien vielen de uitgaven voor de collectief gefinancierde gezondheidszorg nagenoeg ieder jaar een stuk hoger uit dan aanvankelijk was gepland. Meestal konden deze overschrijdingen echter nog net worden opgevangen door meevallers in andere sectoren, vooral bij de uitgaven voor de sociale zekerheid.

Het ziet ernaar uit dat de zorguitgaven ook in 2006 en 2007 weer door het voor deze sector vastgelegde uitgavenplafond schieten, mogelijk zelfs met 1 miljard euro of meer. Meevallers op de rest van de begroting lijken dit keer niet voldoende te zijn om dit te compenseren. Integendeel, voor dit jaar tekenen zich ook overschrijdingen af bij de uitgaven van de rijksoverheid zelf. Het gevolg is dat het minieme overschot op de begroting in 2006 dit jaar omslaat in een tekort van vermoedelijk omstreeks 1 procent van het bruto binnenlands product – mede doordat de aardgasbaten voor de staat onder invloed van de zachte winter tegenvallen.

Dat het saldo van de overheidsbegroting verslechtert terwijl de economie uitbundig groeit, is een veeg teken. Begin van deze maand ontving minister Bos een reprimande uit Brussel dat de begrotingsdiscipline niet mag verslappen. Maar de bewindsman worstelt vooral met de erfenis van zijn voorganger. De aansporing van de eurocraten is vooral het bewijs dat Zalm in zijn nadagen de teugels te veel heeft laten vieren.

Het zal niet eenvoudig zijn om de door de twee voorafgaande kabinetten nagelaten boedel te redderen. Vooral minister Ab Klink van Volksgezondheid, Welzijn en Sport moet met de handen in het haar zitten. Zijn partij, het CDA, dacht aanvankelijk miljarden in de zorgsector te kunnen bezuinigen, vooral door instellingen te prikkelen tot grotere doelmatigheid via de invoering van meer marktwerking. Bij de doorrekening van het verkiezingsprogramma van het CDA heeft het Centraal Planbureau de langs deze weg haalbare besparing teruggebracht tot 0,5 miljard euro. Ook dat lijkt nog te hoog gegrepen. Niet alleen doordat een zojuist verschenen analyse van de Zorgautoriteit leert dat aan tal van voorwaarden voor verantwoorde marktwerking in de zorg nog lang niet is voldaan, maar ook doordat coalitiepartner PvdA huiverig is om deze weg te bewandelen. Op zeer korte termijn komt minister Bos nu met zijn Voorjaarsnota 2007. Daaruit zal blijken hoe groot de hypotheek is die Zalm hem heeft nagelaten.