Dood geld levert geen cent op

Een lezeres reageerde op het artikel van vorige week over middelen. Zij stopte vanaf 1997, direct na de geboorte van haar dochter, elke maand geld in een beleggingsfonds met Chinese aandelen. In die tijd was China een slapende reus en was een participatie goedkoop. Nu is deze verdubbeld, wat ze merkt aan de waarde van haar belegging: 41.000 euro (totale investering 17.000 euro) en dus 24.000 euro winst. Dat tikt aan: rendement ongeveer 15 procent per jaar.

Gaat ze hier nog tien jaar mee door tegen 15 procent, dan zit er 200.000 euro in het fonds. Na dertig jaar bezit de kleine, op haar dertigste jaar, 850.000 euro, in theorie. Haar moeder twijfelt nu: houd ik dit geld liever zelf of is het voor de kleine meid.

1 Dit verleidelijke voorbeeld laat zien hoe geld kan groeien, mits gezaaid in vruchtbare grond en groeiend onder gezegende omstandigheden. Een echte investeerder lijkt op een akkerboer die zaait en daarna afwacht of het weer meewerkt en hij straks een goede prijs kan rekenen. Wie zaait zal oogsten. Bijna iedereen onderschrijft deze redenering, maar in de praktijk maken mensen grove fouten door op rotsen te zaaien en zo hun oogst te beperken.

2 Zij kopen voor zeg 50.000 euro een mooi bootje, de echte drijvende kunstwerken kosten miljoenen. Een impulsaankoop. Een dure, tijdelijke verliefdheid. Daarom liggen er in jachthavens zoveel boten te koop. Helaas levert zo’n luxe bezit geen cent rendement op. Je geld slaat dood. Sterker: het kost je geld, tijd, zorgen en ergernis. Die 50.000 euro had tegen zeg 12 procent in een vruchtbare belegging (eigen huis, aandelen, kunst, eigen zaak) in tien jaar kunnen rijpen tot 150.000 euro.

3 Een andere dode investering is de aanschaf van een dure auto, vaak uit statusoverwegingen. Meedoen met je collega’s, vrienden, buurtgenoten enzovoort. Wie de AutoRAI bezoekt, weet hoe moeilijk het is om weerstand te bieden aan die glimmende, luxe, lekker ruikende beauty’s. En dan weet je nog niet eens hoe ze rijden. Verkopers weten dat. In een tijdschrift voor miljonairs (in spe) staat dit over een Jaguar: „Het mahoniehout komt uit een speciaal door Jaguar aangekocht bos in Californië. Wat betreft de afwerking van leer en hout kunnen we ons meten met Rolls-Royce.” Ja, ja. Blijf daar maar eens nuchter onder. Een zakelijke miljonair in spe laat zich echter niet afleiden. Een auto van een ton kost je immers in tien jaar tijd, tegen 12 procent, 300.000 euro aan vermogen.

4 Niet alle lezers houden van zo’n betuttelend betoog, ze willen genieten van hun geld. Terecht. Maar dat kan ook door een boot, luxe of klassieke auto, vliegtuig, tweede huis of ander luxe speelgoed te huren of te lenen, van mensen die deze zelden gebruiken, op de momenten en plaatsen dat het jou uitkomt. Bij drukke mensen komen die momenten amper voor. Je koopt niet en bent vrij in je doen en laten, geen slaaf van je bezit. Dat is een kenmerk van de echt rijken. Per saldo ben je goedkoper uit.

5 Beschouw het vergaren van een tweede miljoen als een eigen bedrijf, een onderneming. Daar stop je ook eigen geld in. De lezeres in de aanhef stopte naast de maandinleg af en toe wat extra geld in de pot. Dat pakte goed uit.

Adriaan Hiele