Zo neem je geen besluit

Het besluit van minister Van Middelkoop (Defensie, ChristenUnie) om de aanschaf van maritieme Tomahawk-kruisraketten te schrappen, is op zichzelf verstandig. Dit wapen dat de Nederlandse krijgsmacht in staat zou stellen op te treden in het ‘hoogste geweldsspectrum’, zoals Van Middelkoops voorganger Kamp (VVD) wilde, is een maat te groot voor een klein land als Nederland.

Maar de wijze waarop het kabinet tot dit besluit is gekomen, roept vragen op. Immers, het afzien van de aankoop van dit voor de Nederlandse defensiedoctrine gezichtsbepalende wapensysteem is niet genomen op basis van een grondige analyse van een eventuele gewijzigde geopolitieke militaire situatie waarbinnen Nederland een rol speelt, maar op grond van budgettaire overwegingen. Het schrappen van de kruisraketten gebeurt in het kader van een ‘herschikking’ van financiële middelen bij Defensie van nieuw materieel naar personeel, zo verklaarde Van Middelkoop maandag in Brussel. De uitspraak van de minister een dag later in de Tweede Kamer dat de aanschaf van de kruisraketten niet is geschrapt, maar uitgesteld tot na zijn termijn, was niet meer dan een politiek slimmigheidje om een debat te ontlopen.

Deze gang van zaken levert weer een illustratie bij de algemenere klacht over de gebreken die kleven aan de wijze waarop in Nederland vaak besluiten worden genomen. Deze week verscheen hierover een rapport in opdracht van de Eerste Kamer. Daarin werd onder meer vastgesteld dat het te vaak voorkomt dat besluiten eerder bedoeld zijn voor het oplossen van problemen in de Haagse binnenwereld dan dat zij verband houden met de werkelijkheid.

De ‘herschikking’ op het Defensiebudget roept vragen op die onbeantwoord blijven. Zo blijft nu in lucht hangen wat het nut is van de supermoderne fregatten die zouden moeten dienen als lanceerplatform voor de kruisraketten. Kunnen die oorlogschepen nu ook worden ‘herschikt’ op de Defensiebegroting? Defensiedeskundige De Wijk typeerde vorige week de kruisraketten terecht als de uitdrukking van de Nederlandse ambities op internationaal niveau. Die worden kennelijk bijgesteld. Dat moet consequenties hebben voor de positie van Nederland binnen de NAVO en de trans-Atlantische relaties met Washington. Het is nu onhelder hoe het kabinet denkt over de Nederlandse defensiedoctrine, die vastgeklonken is aan operaties in NAVO-verband. Meer in de verte doemen vervolgens vragen op die verband houden met de voorgenomen aanschaf van de JSF, het nieuwe gevechtsvliegtuig dat de F-16 moet vervangen. Ook de eventuele voortzetting van de missie in Afghanistan, en de wijze waarop Nederland daarbij betrokken zou zijn, ligt in het verlengde van de vraag hoe Nederland zich internationaal definieert.

De minister heeft slechts summier antwoord gegeven op vragen van de VVD-fractie uit de Tweede Kamer. Voor verdere informatie verwees hij naar de presentatie van zijn plannen in het najaar. Het ligt meer in de rede dat over deze belangrijke kwesties op korte termijn een grondig debat met de Tweede Kamer plaatsheeft.