Verlangen

Ergens reikhalzend naar uitzien: onder sommige volwassenen geldt het als iets wat je nauwelijks serieus kunt nemen. Zeker waar het voetbalwedstrijden betreft, is het verlangen naar het eerste fluitje van de scheids al snel iets voor kinderen. Op een dag praat je alleen nog over literatuur of smeltend poolijs, wel zo deftig. Mocht u zich tot deze houding aangetrokken voelen: weet dat uw dip niet ver weg is. Volgens kenners van de menselijke psyche horen zij die hun verlangens hebben opgeborgen tot het deerniswekkende peloton der depressieven. Daarom zeg ik zonder enige gêne: morgen, Engelse bekerfinale, joepie!

Verlangen naar de confrontatie tussen Chelsea en Manchester United kadreert mijn hunkering naar schoonheid en spanning, naar mannenmoed en raffinement. Onbestemd verlangen keuren de psychologen overigens af, dat schept maar hoop op volmaakt geluk, op onberispelijke omstandigheden die zich nooit bij benadering zullen voordoen. De zielenknijpers raden aan het verlangen rationeel te temperen. Welnu, Chelsea-United zal niet perfect zijn, dat weet ik zeker, maar mogelijk wel meeslepend en daar doe ik het voor. Mijn verlangen naar de FA-Cupfinale verdrijft de sleur, het bevordert mijn nachtrust, fleurt de uren die morgen aan dat potje voetbal vooraf zullen gaan op. Wensen dat morgen vandaag is, doet vandaag de zon al schijnen.

Het reëel gemaakte verlangen maakt een mens gelukkig, dat wisten de Griekse wijsgeren al. Daarom richt ik mijn blik zielsblij op zondag, naar de eerste van twee ontmoetingen tussen de nieuwbakken aartsrivalen Ajax en AZ . In het prettig-moderne stadion van Alkmaar zal het aantrekkelijkste van ons voetbal naar voren komen; die prestatie leveren de twee kemphanen de laatste tijd wel vaker. De return een week later belooft een spannende apotheose van de vaderlandse competitie te worden, het doel – een plaatsje in de voorronde van de Champions League – is er belangrijk genoeg voor.

De woensdag daartussen beleven we de bij voorbaat haast huiveringwekkende Champions-Leaguefinale tussen AC Milan en Liverpool FC: twee teams in topvorm die er twee jaar geleden een waar spektakel van maakten. Naar de geest van Aristoteles richt ik mij op ‘het juiste midden’: enerzijds snap ik best dat het deze keer kan tegenvallen; anderzijds weet ik dat de kans op vervelend spel extreem klein is. Man, was het maar woensdag.

Dan zijn we nog niet klaar – korte tijd later volgt het Europees kampioenschap voor spelers onder 21 jaar, in het land der kampioenen, Nederland. Ik wil maar zeggen: de maand juni lacht mij toe.

Met deze woorden doe ik mezelf een groot plezier. Het is wetenschappelijk bewezen.