Stormschoenen

„Waar is Tobias?” vraagt Henriette. „Ik heb hem de hele dag nog niet gezien.”

„Hij durft niet naar buiten omdat het waait”, zegt Rintje. „Hij heeft gehoord dat er ooit een teckel door de wind is opgetild en zo de lucht ingeblazen. Ze hebben hem nooit teruggevonden.”

„Maar dat gelooft toch geen hond”, zegt Henriette. „Het is een onzinverhaal. Kunnen we niet iets bedenken om hem te helpen? Hij kan toch moeilijk iedere keer dat het een beetje waait binnen blijven zitten.”

„We moeten hem zwaarder maken zodat de wind hem niet mee kan nemen”, zegt Rintje.

„We kunnen hem moeilijk een steen om zijn nek hangen”, zegt Henriette.

„Je brengt me op een goed idee”, zegt Rintje. „We hebben vier oude schoenen nodig. Maar wel een beetje grote maat!”

Ze rennen naar Rintjes huis en gaan naar de rommelzolder. In een hoek hangen jassen en kleren en daar gaan ze zoeken naar schoenen. Ze vinden vier verschillende oude schoenen.

„Kom mee naar de tuin!” zegt Rintje. „Hier, ik schep wat grind in een zakje. Dat hebben we nodig voor de speciale stormschoenen. En nu gaan we naar Tobias.”

Als ze hebben aangebeld doet Tobias’ moeder open. „Hé, wat gezellig”, zegt ze. „Ik zal Tobias even roepen, maar hij durft niet naar buiten met dit weer!”

„Hoi”, zegt Rintje als Tobias in de hal staat. „Ik heb iets uitgevonden waardoor je ook met stormachtig weer naar buiten kan. Hier, trek deze schoenen eens aan.”

Tobias doet de vier oude schoenen aan, maar ze zijn veel te groot.

Rintje pakt de zak met grind en vult daar de schoenen mee van Tobias. Net zolang tot ze helemaal vol zitten.

„Zo”,zegt Rintje. „Nu heb je stormschoenen. Je bent zo zwaar dat je echt niet kunt wegwaaien. Je kunt gerust met ons naar buiten.”

Lachend probeert Tobias een stap te zetten maar dat gaat niet zo makkelijk. Toch lukt het hem na wat oefenen om een paar stappen te zetten.

„Het voelt inderdaad heel zwaar”, zegt hij. „Maar zo kan ik zeker niet wegwaaien.”

Met z’n drieën lopen ze naar buiten.

„Jullie moeten je even omdraaien”, zegt Tobias. „Ik moet plassen.”

„Het duurt wel lang zeg”, zegt Henriette na een tijdje. „Tobias ben je klaar?”

Maar er komt geen antwoord.

Rintje en Henriette draaien zich om, maar Tobias is nergens te zien.

„Weggewaaid!” schreeuwt Henriette. „Hij is toch weggewaaid!”

„Hoe kan dat nou?” zegt Rintje.

„Geintje!” roept Tobias en komt achter een struik vandaan. „Met deze stormschoenen hoef ik niet meer bang te zijn om weg te waaien!”

EINDE