Google Earth, maar dan zonder daken

Voor het Festival aan de Werf bouwde Dries Verhoeven een hotel met spiegelplafond.

De toeschouwer ziet zichzelf en de andere gasten liggen.

Schoenen inleveren bij de hotellobby. Ik krijg een sleutel met zo’n rood peertje er aan. Het hotel lijkt op een doolhof, provisorisch opgetrokken uit kaal hout. Veertig kamers gelijkvloers. Kamer 20 lijkt op een kloostercel. Een bed zonder dekens, verder niets. Ik ga liggen op het bed en kijk naar het plafond. Het is een spiegelplafond. Ik zie mezelf liggen, alsof ik uit mezelf ben getreden.

Dan geschiedt het wonder. Het plafond gaat omhoog. Langzaam komen in de enorme spiegel de andere kamers in beeld, waar ook gasten op bed naar het plafond liggen te kijken. Totdat je het hele hotel in beeld krijgt, veertig kamers, tientallen gasten. Samen alleen. Het is alsof een camera uitzoomt naar een overzichtsshot, zoals je dat in films ziet. Ik bevind mij in de voorstelling U bevindt zich hier van Dries Verhoeven.

Het Festival aan de Werf, dat gisteren in Utrecht is begonnen, is een der gangmakers in een trend die al enkele jaren gaande is: ervaringstheater. Theatermakers als Lotte van den Berg, Boukje Schweigman, Roos van Geffen en Dries Verhoeven maken aan beeldende kunst verwante voorstellingen op locatie, vaak in installaties, waarin de toeschouwer zelf onderdeel van de handeling is. Vaak maak je een tocht, het beeld is bepalend, de sfeer is doorgaans dromerig.

U bevindt zich hier van Dries Verhoeven is een nieuw hoogtepunt in het subgenre. Alleen technisch gezien is zijn installatie al een hoogstandje. De firma Trekwerk ontwierp een elektronische ‘mobiele trekkenwand’ die geruisloos het enorme spiegelplafond omhoog tilt; achttien bij achttien meter, zesduizend kilo zwaar.

Verhoeven: „Ik zat thuis in de Amsterdamse Pijp en ik dacht aan mijn buurmeisje dat op tachtig centimeter van mij vandaag slaapt, huilt en lacht. We zijn slechts gescheiden door een dunne wand, en ik heb haar nog nooit gesproken. Ik dacht aan de satellietshots van Google Earth, maar dan zonder daken: dat ik bij iedereen naar binnen zou kunnen kijken. Voyeurisme natuurlijk. Maar ook het gevoel dat je in een stad met zijn allen samen alleen bent.”

Verhoeven (1976), is van huis uit decorontwerper. Hij maakte opzienbarende, bepalende decors voor een muziekstuk van Cornelis de Bondt en een opera van Michel van der Aa op het Holland Festival, en voor de toneelstukken van Marcus Azzini: een broeikas vol rook, een vloer van bijenwas die langzaam warm werd, een vloer vol glasscherven, een ‘huilende bar’ van smeltend ijs. Op dit festival is ook zijn decor te zien voor Stillen van Lotte van de Berg: een vloer van 30.000 Poolse glycerinezeepjes.

Ik lig op mijn anonieme hotelbed en krijg door de speaker een verhaal te horen, over een buurvrouw die over mij mijmert. Enigszins confronterend is dat in haar verhaal intieme details opduiken die ik eerder op een enquêteformulier argeloos heb prijsgegeven. Gelukkig gebruikt ze ook de details van de anderen, waardoor wij samen één mysterieuze buurman worden. Hoe eenzaam en anoniem is de mens in de grote stad, is dat wat Verhoeven wil vertellen? „Nee, nee, ik heb geen boodschap. Ik constateer verbaasd dat ik zo dicht bij mijn buurmeisje leef, zonder haar te kennen. Maar ik zeg niet dat dat slecht is. De mogelijkheid dat zij mij kan komen toedekken, is voor mij genoeg. Ook al gebeurt het nooit, het blijft een troostende gedachte .”

Dan lopen er zeven mensen door de gangen namen te roepen. Ze zoeken de bezoekers. Een vrouw roept mijn naam. „Wilfred? Wilfred?” Ik roep terug. Als zij mijn kamer heeft gevonden. geeft ze me een kindernachtlampje. Truste buuv.

‘U bevindt zich hier’, t/m 26 mei in Jaarbeurshal 12, Utrecht