En de winnaar is...

Kunsthistoricus T.J. Clark bekeek maandenlang elke dag twee van zijn favoriete schilderijen van Poussin. Over die kijkervaring deed Dirk Limburg in de krant van 23 maart verslag. Vervolgens schreef het Cultureel Supplement een wedstrijd uit voor zijn lezers. In welk schilderij zouden zij het liefst rondkijken? Vandaag de uitslag.

Ze zijn er allemaal, de grote Hollanders: Rembrandt, Vermeer, Van Gogh, Mondriaan. Maar de inzenders stelden ook verrassende werken voor zoals Lentebloesem van René Daniëls en Mensenmensenmens van Vittorio Roerade. Van Middelnederlandse meesters tot eigentijdse kunstenaars, onder de 68 deelnemers aan de prijsvraag kwamen ze allemaal voor.

De jury heeft JOHAN MEEUS tot winnaar uitgeroepen. Hij stelde voor langdurig rond te kijken in een schilderij van Philip Koninck . Meer nog dan de anderen liet hij in zijn voorstel zien dat hij daarbij steeds nieuwe dingen uit het schilderij zou weten te halen. En daar gaat het om. Meer dan om een mooi verhaal te vertellen waartoe het doek inspireert. We zijn zeer benieuwd naar wat Meeus in de loop van de zomer zal melden over Konincks Vergezicht met hutten langs de weg (1655).

Een wedstrijd als deze is natuurlijk een vertekening van de werkelijkheid. Wat een beschaafd volk zijn we toch als zo velen zo’n intense band met schilderijen blijken te hebben. Veel inzenders schrijven dat ze graag rond willen kijken in een werk dat ze regelmatig bezoeken. Ook zijn ze blij dat ze er nu eens nog langer bij mogen verblijven. En dan zijn er nog hun gedeelde ervaringen met strenge suppoosten.

De voorkeur van de inzenders gaat duidelijk uit naar landschappen zoals ook dat van Poussin er één is. Glooiingen, bosjes, paadjes om te gaan en figuurtjes die iets doen. Als echte Nederlanders in de lente na een kwakkelwinter waren ijstafereeltjes erg populair als plaats om het oog eens uren te laten dwalen. Natuurlijk waren er veel landschapjes van Ruysdael (Jacob van) en anderen.

Verreweg de meeste inzenders kozen voor een figuratief schilderij. Maar ook abstractie werd niet uit de weg gegaan. Bemoedigend, na de kritiek op de dure aanschaf van Mondriaans Victory Boogie Woogie, was dat maar liefst drie lezers hierbij zouden willen verblijven. Een vierde hield het maar liever bij diens Compositie met twee lijnen.

Een originele keuze was zeker een pluspunt in de ogen van de jury. Maar ook de manier waarop het voorstel werd verwoord was belangrijk. Tot slot ging het om wat de inzender over het werk zou willen vertellen na er vele uren naar gekeken en over gedacht te hebben.

Het was makkelijk voor de jury om de tien beste voorstellen te vinden. Veel lastiger was het om de vijf voorstellen te selecteren die op deze pagina staan. Het allerlastigst was het om de winnaar aan te wijzen. Op twaalf na waren alle kunstenaars Nederlands, hoewel sommigen uit de vroegere Zuidelijke Nederlanden kwamen. Na Nederland (57 keer) is Frankrijk favoriet. Vijf van de inzenders wilden dwalen, meestal in een werk van impressionisten als Monet. Twee Duitsers boeiden de inzenders, Kiefer en Beckmann. Italië, België, Spanje, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten trokken slechts één belangstellende.

Dit komt natuurlijk ook doordat we ons hebben beperkt tot schilderijen die zich in Nederland in publieke collecties bevinden. Maar zo slecht gesorteerd op buitenlandse kunstenaars zijn onze musea toch ook niet?

Als dit een stemming was geweest voor de meest populaire kunstenaar, dan was opgevallen dat de smaak van de inzenders vooral breed is. Niemand steekt er ver bovenuit. Mondriaan bekoort zoals gezegd vier inzenders, Rembrandt moet het met één lezer minder doen – de Nachtwacht werd slechts éénmaal genoemd. Eén Van-Goghliefhebber vinden we verbazend weinig. Drie maal Vermeer begrijpen we beter omdat zijn werk gemaakt lijkt om het oog door te laten dwalen.

Dertig inzenders kozen voor werk uit de zeventiende eeuw of eerder. Bijna evenveel wilden iets uit de twintigste eeuw. Voor echt eigentijds kozen slechts enkelen.

De jury onder voorzitterschap van Rudi Fuchs bestond verder uit de kunstredacteuren Michel Krielaars, Dirk Limburg en Sandra Smallenburg.