Indonesië eist vaccins in ruil voor virussen

Landen waar een virus de kop op steekt verstrekken meteen monsters aan de WHO. Maar Indonesië doet dat niet meer. „Als we deze crisis niet oplossen, betalen we een vreselijke prijs.”

Kan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) nog wel snel reageren op de uitbraak van besmettelijke ziektes als vogelgriep? Over die vraag buigen de landen die bij de WHO zijn aangesloten zich deze week op hun jaarvergadering in Genève.

De vraag is acuut, want Indonesië weigert al sinds januari om aan de WHO monsters te leveren van het gevaarlijke vogelgriepvirus. Daardoor kan de WHO het virus niet onderzoeken en in de gaten houden. Als gevolg daarvan kan de WHO de wereld niet helpen om zich voor te bereiden op een mogelijke pandemie, die miljoenen slachtoffers kan maken.

De Wereldgezondheidsorganisatie is de spil van een internationaal meldsysteem voor besmettelijke ziektes, dat al vijftig jaar bestaat. Landen waar een virus de kop opsteekt, geven monsters aan de WHO. Op basis daarvan maakt de farmaceutische industrie vaccins. De weigering van Indonesië nog langer monsters te leveren, dreigt dit systeem op te blazen.

Het stoort Indonesië dat het met de virussen wel informatie geeft waar de hele wereld van profiteert, maar dat de vaccins die op basis daarvan ontwikkeld worden voor de Indonesiërs te duur zijn. Als er ooit een pandemie uitbreekt, klaagt Jakarta, kunnen ’s wereld rijken zich beschermen en de armen niet.

„Wij denken aan het algemeen belang”, zegt Dr Triyono Sundoro, hoofd Onderzoek van het Indonesische ministerie van Volksgezondheid, „maar anderen verdienen grof geld met de vaccins. Het systeem klopt niet.” Daarom onderhandelt Indonesië nu met de Amerikaanse farmaceut Baxter over de verkoop van virussen. Ook wil het land zélf goedkope vaccins gaan maken.

De WHO zit hiermee lelijk in haar maag. Als één land cruciaal is in de strijd tegen de vogelgriep, is het Indonesië. Daar zijn constant uitbraken. Onder de 176 mensen die over de hele wereld aan de ziekte zijn overleden, waren 76 Indonesiërs. De laatste, een zwangere vrouw van 26, stierf zondag.

Vogelgriep is nu vooral een dierenziekte. Maar het virus muteert razendsnel. Experts vrezen dat er zo een virus zal ontstaan dat van mens op mens overspringt. Daarom is het van vitaal belang dat alle landen waar het virus zich manifesteert, meteen bloedmonsters met virusstammen erin naar WHO-laboratoria sturen.

Op basis van die stammen maken farmaceuten constant vaccins die enige protectie bieden. De beste manier om je op een pandemie voor te bereiden, zegt men bij de WHO, is het virus zoveel mogelijk op de hielen te zitten. Voorwaarde is wel dat álle landen meewerken aan dit systeem, zelfs voor seizoensgriepjes. Nu Indonesië – als enige – geen monsters levert, komt er een kink in de kabel. „Als we deze crisis niet oplossen, betalen we er een vreselijke prijs voor”, zegt een diplomaat in Genève.

In maart ging de WHO-directeur voor besmettelijke ziektes, David Heymann, praten in Jakarta. „We begrijpen de Indonesische zorgen”, zei hij. „Maar we moeten binnen het bestaande systeem een oplossing vinden.” Nu de geglobaliseerde mens besmettelijke ziektes vliegensvlug over de aardbol verspreidt, is een nationale aanpak achterhaald. Maar de WHO kan landen niet dwingen om informatie te geven.

Dus bood Heymann Indonesië een deal: de WHO zou gratis monsters krijgen voor onderzoek, maar ze niet meer doorgeven aan farmaceuten zonder toestemming van Jakarta. Ook zou de WHO proberen het bestaande, ontoereikende vaccinvoorraadje voor arme landen uit te breiden. De Indonesische gezondheidsminister ging akkoord. Maar sindsdien heeft Indonesië drie monsters aan de WHO gegeven, meer niet.

De zorgen van Indonesië zijn niet nieuw. Vorig jaar begon Thailand er al over. Deze week doen 17 ontwikkelingslanden – waaronder Indonesië – een voorstel voor eerlijker vaccindistributie. Veel rijke landen hebben hier best begrip voor: de vaccins zijn westers en duur. Er kunnen er nooit genoeg gemaakt worden om snel de wereld te bevoorraden: als er een pandemie uitbreekt kan het maanden duren voor er een vaccin is tegen de ‘laatste’ virusvariant. Houden westerse landen die vaccins dan voor zichzelf? Kúnnen de vaccins wel snel naar Azië of Afrika, als alle transportsystemen plat liggen?

Valide vragen, zei WHO-chef Margaret Chan gisteren: „Ik ben persoonlijk bezig om alle landen toegang te geven tot vaccins.” Indonesië wil harde garanties.