Charitainment

Het dorp ‘aarde’ staat weer aan de vooravond van charitainment. Eerst is er de topconferentie van de machtigste industrielanden in de wonderschoon opgeknapte badplaats van de nostalgie, Heiligendamm aan de Duitse Oostzee. Popartiesten met bevlogenheid voor een betere wereld zullen stevig de trom roeren. En dan is er het popevenement tegen de opwarming van de aarde, Live Earth, dat 7 juli de wereld over moet gaan. Al Gore heeft het afgekeken van de Live 8 concerten tegen de armoede in Afrika. Die werden op 2 juli 2005 gehouden met grote gangmakers als de popartiesten Bob Geldof en natuurlijk Bono, zanger van de wereldboeroemde Ierse band U2. Het motto was make poverty history en het doel was druk op de G8 regeringsleiders – toen in het Schotse Gleneagles – om Afrikaanse landen schulden kwijt te schelden. Wat moet je van dit charitainment denken?

Bono spreekt regelmatig met de deelnemende regeringsleiders, recentelijk nog met de huidige voorzitter van de G8, bondskanselier Angela Merkel. Charitainment is dus kennelijk een factor van gewicht. Of moet je over deze MTV-golf van wereldverbeteraars denken zoals de historicus Tony Judt in zijn prachtige boek Postwar over de jaren zestig oordeelt: „De jongens en meisjes van de Jaren Zestig waren gewoonweg niet serieus.”

Er zit iets ongemakkelijks aan deze handel met massa-emoties. Politici willen enerzijds graag met de popidolen van deze wereld op de foto, maar ze laten zich er tegelijkertijd ook als schuchter wild door opjagen. De Nigeriaanse schrijver en winnaar van de Nobelprijs, Wole Soyinka, heeft ronduit een hekel aan wat hij noemt „deze nieuwe missionarissen” die in de do good business zitten om te koketteren, om het gierende narcisme van nieuwe voedingsstoffen te voorzien of hun idoolmarketing verder fijn te slijpen.

Popster Bono zelf heeft hier verrassend nuchtere opvattingen over. In een interview met het Duitse weekblad Die Zeit van 12 april zei hij dat motieven hem niet interesseren. Ook al treden popsterren nog zo egomanisch op, het gaat om het effect, om het resultaat. Daar zit wat in, want speculeren over de diepere motieven van mensen blijft nu eenmaal altijd een schimmig terrein en als het waar is dat de weg naar de hel is geplaveid met de beste bedoelingen dan kan, omgekeerd, het Live 8 doel – het einde van de armoede – misschien ook worden bereikt via de weg van slechte, kwestieuze dan wel genante motieven. Toch? En wie ben je trouwens als toeschouwer om daar meteen een oordeel over te hebben?

En toch blijft er iets ongemakkelijks in dat charitainment zitten. Het is niet eens de vrolijkheid van het popconcert jegens de ellende en misstanden waar ze voor bij elkaar komen, want met rouw en chagrijn is over het algemeen ook weinig tot stand gebracht in de geschiedenis.

Het is ook niet eens het onvermijdelijke dubbelleven van de hoofdrolspelers die op 7 juli aanstaande de microfoon in schreeuwen dat we op moeten houden met die broeikasgassen en het andere moment met het koelen van hun huizen en het stoken van hun zwembaden het wel erg bont maken (Al Gore, Barbra Streisand).

Nee, het is wat mij betreft vooral het wapen van de dweperij dat bedenkelijk is. De autoriteit van Bob Geldof stoelt op het feit dat hij – vroeger – duizenden mensen voor zijn zang op de been kon brengen. Meer niet – maar hij praat over Afrikaanse schulden alsof hij er verstand van heeft, terwijl zijn recept – kwijtschelding – vooral lekker klinkt. Natuurlijk is het allang bekend dat je mensen in de maagstreek, in hun emoties, moet raken om iets gedaan te krijgen. De hele reclamewereld draait om associaties met feelgood. Maar de schaamteloze, ongeremde emotiemarketing rondom helaas – het is niet anders – betrekkelijk ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken, heeft iets primitiefs, een soort ontkenning van burgerschap. Voor zover het geen Spielerei is met een voornamelijk slechts zogenaamd opstandige jeugd onder leiding van oudere jongeren – hemd uit de broek, jeans – is het feelgoodamusement dat drijft op demagogie: politieke leiders in democratische landen zijn daarin die harteloze, onwillige lui in pak, die maar moeilijk te porren zijn voor een betere wereld.

En die onwillige lui zelf – westerse politici – zullen er zich niet aan durven onttrekken, want niets is zo dodelijk dan als ouderwets te kijk te worden gezet. Ongeevenaard talent in deze sector sinds jaar en dag: Tony Blair, die het voor elkaar kreeg om te lopen met de hazen en te jagen met de jagers tegelijk. Gore schetst als het ware diens voorland.

Het gevolg is dat politiek allang niet meer naar Max Webers devies een kwestie is van langzaam door dikke planken boren om de dingen gedaan te krijgen. Nee, het is op de trein springen als de juiste hype langskomt. Dit jaar heeft het broeikasgas betere papieren dan de honger in Afrika, dus de politicus wiens agenda milieu is, ziet vermoedelijk de beste trein langsrijden.

Het moet een fantastische dag worden 7 juli, Live Earth, met Red Hot Chili Peppers, Sheryl Crow, Snoop Dogg, Tim McGraw en vele, vele anderen in vele hoofdsteden in de wereld als een soort mondiale wave. Grootste stunt: een popconcert live vanuit een gebied dat (zeker in deze tijd van het jaar) om belichting vraagt, Antarctica.Tja.