‘17 November’: twijfel aan schuld verdachte

Alexander Jotópoulos, de hoofdbeklaagde in het proces in hoger beroep tegen de Griekse terreurorganisatie ‘17 November’, wil zijn zaak voorleggen aan het Europees Gerechtshof. Zijn straf is in hoger beroep teruggebracht van 21 keer tot 17 keer levenslang; deelname aan zes van de 23 tussen 1975 en 2002 gepleegde moorden achtte de rechtbank niet bewezen. Jotópoulos is beschuldigd van ‘moreel leiderschap’ van de organisatie en het schrijven van de meeste proclamaties die met de aanslagen gepaard gingen. Hij heeft tot het eind toe volgehouden dat hij niets met ‘17 November’ te maken heeft gehad.

Het serieuze Atheense dagblad Eleftherotypía voedde de twijfel over het karige bewijsmateriaal tegen Jotópoulos en hekelde de rechtsgang als een ‘carbonkopie’ van het vorige proces. Hoofdthema van de ‘gerechtelijke dwaling’ – zoals een advocaat de gang van zaken omschreef – is dat de vondst van vingerafdrukken met dna-onderzoek gepaard had moeten gaan. Wat de grafologische bewijzen betreft herinnerde de advocaat er ook aan dat ook Alfred Dreyfus op grond van zulk materiaal ten onrechte was veroordeeld. Een tegenexpertise was niet tot de bewijsstukken toegelaten.