Twijfel aan noodzaak afvalverbrander in Friesland

Binnen enkele jaren is er in Nederland voldoende capaciteit voor het verbranden van afval. Daardoor is de noodzaak om een nieuwe afvalverbrandingsinstallatie te bouwen in het Friese Harlingen onzeker. Dit blijkt uit een rondgang langs afvaldeskundigen.

Afvalbedrijf Omrin vraagt de 31 Friese gemeenten die aandeelhouders in het bedrijf zijn om bij een vergadering op 25 mei in te stemmen met de bouw van een verbrandingsoven in Harlingen.

Omrin noemt het huidige tekort aan verbrandingscapaciteit als belangrijkste reden voor de investering van 110 miljoen euro in een nieuwe afvaloven. Dit jaar wordt door het tekort 2 miljoen ton brandbaar afval gestort.

Maar het tekort verdwijnt snel. Door uitbreiding en verbetering van bestaande installaties is er rond 2010 genoeg verbrandingscapaciteit, zegt Edwin Zoontjes van de Vereniging Afvalbedrijven. Robert Dijkgraaf, afvaldeskundige aan de Erasmus Universiteit, verwacht ook binnen enkele jaren voldoende verbrandingscapaciteit. Door meer recycling van afval daalt de hoeveelheid te verbranden afval eerder dan zij stijgt, voegt Zoontjes toe.

Door capaciteitsuitbreiding in Amsterdam, Duiven, Hengelo, Moerdijk en Rozenburg kan in 2009 jaarlijks 1,2 miljoen ton extra afval worden verbrand. Dit blijkt uit gegevens van overheidsdienst SenterNovem. Het huidige tekort van 2 miljoen ton wordt hierdoor meer dan gehalveerd.

De afvaloven in het Drentse Wijster, waar nu het afval van de Friese gemeenten wordt verbrand, heeft vergevorderde plannen om de capaciteit per 2010 uit te breiden met 0,5 miljoen ton. Afvalbedrijf Sita wil de verbrandingsoven in Roosendaal met 0,2 miljoen ton uitbreiden.

Wanneer deze projecten zijn gerealiseerd, is de capaciteit bijna gelijk aan de hoeveelheid te verbranden afval. „Het neigt duidelijk naar een evenwicht, al zal niemand de laatste paar tonnen te verbranden afval voor zijn rekening willen nemen”, zegt Zoontjes.

Nederland kan ook profiteren van een overschot aan verbrandingscapaciteit in Duitsland. Tussen Nederland en Duitsland bestaat al vele jaren handel in brandbaar afval. In Duitsland wordt zoveel capaciteit bijgebouwd dat het Duitse capaciteitstekort nog dit jaar zo goed als verdwenen is, zegt Andreas Jaron, hoofd van de afdeling afval van het Duitse ministerie voor Milieu. Het Duitse afvalbedrijf Remondis verwacht een capaciteitsoverschot van 14,7 miljoen ton in 2012.

Op 50 kilometer van Friesland, in het Duitse grensdorp Emlichheim, gaat komend jaar een installatie open met een capaciteit van 0,2 miljoen ton.

Een woordvoerder van Omrin zegt dat het Nederlandse capaciteitstekort „op z’n vroegst in 2012 verdwenen is”. Capaciteit elders is voor Omrin niet doorslaggevend. „Fries afval moet in Friesland blijven. We willen niet met afval slepen.”