Poolijs is niet meer te vertrouwen Band met poolijs was moreel kompas voor Inuït

Voor de Inuit, de inheemse bevolking van noordelijk Canada, heeft opwarming van de planeet dramatische gevolgen. De basis van hun traditionele bestaan smelt.

Simon Nattaq kon altijd vertrouwen op de kwaliteit van het poolijs. Tot het een paar jaar geleden mis ging.

Als tiener leerde de nu 61-jarige man van de Inuit, de inheemse bevolking van noordelijk Canada, te jagen in de omgeving van Hall Beach, een afgelegen nederzetting in het noordpoolgebied. Met zijn ouders en broers en zussen reisde hij daar toen nog rond. Van zijn vader leerde hij waar je vossen, kariboes en zeehonden kon vinden – en hoe je daar kon komen over de dichtgevroren baaien.

Zo wist Nattaq precies wat voor ijs je kon verwachten in de seizoenen die de Inuit benoemen, waaronder Ukiaq (vroege winter), Ukiuk (winter), en Upinqasaak (vroeg voorjaar). Ergens rond de grens van Ukiaq en Ukiuk had je de hoofdbevriezing, waarbij het ijs een solide dikte kreeg voor het hele seizoen, en een witte kleur, zo was de traditionele kennis. Een forse laag sneeuw isoleerde het dikke ijs tegen de straling van de zon.

Nu is dat allemaal anders, zegt Nattaq in zijn huis in Iqaluit, het hoofdstadje van het Canadese, semi-autonome gebied Nunavut. „Het ijs haalt dezelfde dikte niet meer, en heeft ook niet dezelfde kleur als vroeger”, zegt hij. „Er zit meer blauw in. Sneeuw is dunner en waait weg. Tijdens de ontdooiing in het voorjaar staan er normaal gesproken plassen op het ijs. Nu loopt dat water weg door kleine gaatjes. Het bevriest op een andere manier, minder stevig.”

Nattaq ondervond de verandering van de ijscondities op een traumatische manier. In februari 2001 zakte hij tijdens een jachtexpeditie met zijn sneeuwmobiel door het ijs. Hij wist zichzelf uit het steenkoude water te trekken, maar hij was zijn spullen kwijt. Hij zocht beschutting, en werd twee dagen later gevonden door ongeruste dorpsgenoten. Zijn beide voeten waren bevroren en moesten worden afgezet. Nattaq heeft nu twee kunstmatige onderbenen en loopt met moeite – een pijnlijk lot dat hij wijt aan klimaatverandering.

„Het ijs was wit bovenop, en dat betekende voor ons altijd dat het veilig was”, aldus Nattaq. „Maar omdat het van onderaf smolt, leek dat maar zo. Het is tegenwoordig veel onzekerder, en veel gevaarlijker voor onze mensen om zich over het ijs te verplaatsen, zoals we al eeuwen doen. Zelfs de meest ervaren jagers met de grondigste kennis ondervinden problemen. Klimaatverandering heeft grote gevolgen voor onze mobiliteit, onze manier van leven.”

Het smeltende poolijs wordt algemeen erkend als een van de meest merkbare gevolgen van de opwarming van de aarde. Wetenschappelijk onderzoek heeft consequent uitgewezen dat de gemiddelde oppervlakte van het ijs in de Noordelijke IJszee de afgelopen decennia gestaag is geslonken.

Een nieuwe studie van het National Snow and Ice Data Center in de Amerikaanse staat Colorado suggereerde deze maand dat de noordelijke ijskap nog sneller smelt dan tot dusverre werd aangenomen. Volgens de onderzoekers kan het noordpoolgebied al in de tweede helft van deze eeuw ’s zomers geheel ijsvrij zijn.

Wat de Inuit betreft gaat de verandering van het weer verder dan dooiend poolijs. De verandering tast de basis aan van hun traditionele bestaan.

Vervolg Inuït: pagina 4

Band met poolijs was moreel kompas voor Inuït

inuït

Vervolg van pagina 1

Het grootste deel van het jaar is het poolijs voor de Inuit een bron van voedsel en een middel van vervoer. Verdwijning van die wereld wordt door de Inuit ervaren als een aanslag op hun traditionele cultuur, die toch al sterk onder druk staat door beïnvloeding vanuit het zuiden – de Inuit zijn van de ene generatie op de andere overgestapt van een nomadisch jagersbestaan op een leven in gevestigde gemeenschappen met supermarkten en satelliettelevisie.

„We hebben meer materiële dingen dan vroeger, maar het leven is veel chaotischer”, zegt Nattaq, gezeten aan een tafel in de keuken met magnetron.

Zijn vrouw zit tijdens het gesprek een tekenfilm te kijken op televisie met een van hun kleinkinderen; een computer met webcam staat op een bureautje in een hoek. „We zijn gaan leven als de qallunaat (de blanken), maar we missen wat we het hardst nodig hebben”, zegt hij. „Vroeger hadden de Inuit een eigen, unieke manier van leven.”

De Inuit van eerdere generaties streven ernaar die manier van leven, met zijn sterke band met het land en het ijs, over te dragen op hun jongeren bij wijze van moreel kompas. Training in de traditionele overlevingstechnieken van de Inuit, zoals de jacht, moet hun zelfrespect en een identiteitsgevoel bijbrengen in een snel veranderende wereld, en kracht om weerstand te bieden tegen sociale kwalen als depressie en alcoholisme.

Meeka Mike, een 41-jarige Inuitvrouw, is een ervaren begeleidster van expedities per hondenslee of sneeuwmobiel. Ze ontleent haar eigen kracht aan haar vermogen om te overleven in het poolgebied. Maar ook zij zegt dat de zekerheden van vroeger wegens klimaatverandering nu op losse schroeven staan.

„We zijn niet altijd meer in staat om onze jongeren te leren hoe ze het ijs moeten ‘lezen’,” aldus Meeka Mike. „Vroeger konden we zeggen: ‘dit is veilig, dit is niet veilig.’ Nu moeten we zeggen: ‘Dit is veilig, dit lijkt veilig maar we weten het niet zeker’.” Mike maakt zich zorgen over de oorzaken van de verandering van het klimaat. „Andere landen zijn verantwoordelijk voor de vervuiling die ons schaadt”, zegt ze. „Hier in het poolgebied merken we het als eerste.”

Simon Nattaq vreest dat klimaatverandering de verzuidelijking van Nunavut alleen maar zal versterken. „Het klimaat wordt zuidelijker, en er komen steeds meer mensen uit het zuiden.” Jagers als hijzelf moeten zich aanpassen aan de nieuwe omstandigheden als ze erop uitgaan, zegt hij, door meer met elkaar af te stemmen en op elkaar te letten.

Dergelijke samenwerking is ook vereist om klimaatverandering te bestrijden, aldus Nattaq. „Mensen uit de hele wereld moeten bij elkaar komen om ervoor te zorgen dat het milieu zo natuurlijk mogelijk blijft”, besluit hij. „Daar is samenwerking voor nodig.”