Koude fusies

Negen jaar nadat het Duitse automobielconcern Daimler het Amerikaanse Chrysler kocht, wordt de overname ongedaan gemaakt. Gisteren kondigde Daimler aan dat het de Amerikaanse tak van de hand doet. De nieuwe eigenaar, het private-equityfonds Cerberus (genoemd naar de meerkoppige hellehond uit de Griekse mythologie), steekt zijn geld in de financiële versterking van Chrysler en krijgt van Daimler 650 miljoen dollar mee. Dat is een heel contrast met de 36 miljard dollar die Daimler in 1998 voor Chrysler betaalde.

Zeven jaar nadat oprichters Joop van den Ende en John de Mol hun televisieproductiebedrijf Endemol verkochten aan het Spaanse Telefónica, voor 5,5 miljard euro, doet de Spaanse telecomgigant het van de hand op een waarde van 3,4 miljard. Kopers: Mediaset, de onderneming van de Italiaanse Berlusconi-familie, de zakenbank Goldman Sachs én John de Mol zelf. Die krijgt zijn oorspronkelijke aandeel goeddeels terug, tegen een flinke korting.

Deze twee gebeurtenissen onderstrepen eens te meer hoe ondernemers, beleggers en adviseurs aan het einde van de vorige eeuw het contact met de werkelijkheid aan het verliezen waren. De verwachte kostenvoordelen van het samengaan van bedrijven werden te hoog ingeschat; de moeilijkheden en kosten van het samenvoegen werden juist te luchtig afgedaan. Nu blijkt dat een Amerikaan niet méér wenst te betalen voor zijn Chrysler als daar het aura van Mercedes omheen hangt. En dat bellers wel wat beters te doen hebben dan te kijken naar – en laat staan te betalen voor – Big Brother op hun mobiele telefoon.

De fusie- en overnamegolf werd destijds vooral mogelijk gemaakt door de hoge beurskoersen van jagende ondernemingen en de ruime beschikbaarheid van kapitaal. En zo werd de redenering maar al te vaak omgedraaid. Een overname was niet een logische uitkomst van een doorwrocht strategisch plan; het plan werd een rechtvaardiging achteraf van de overnamegekte, het resultaat van de onweerstaanbare drang tot grote daden en de angst om te laat te zijn.

Na een periode waarin de overnemers hun wonden likten, is de jacht de afgelopen jaren weer geopend. De beurskoersen zijn opgeveerd en het kapitaal is ruimer en tegen vriendelijker voorwaarden beschikbaar dan ooit. De overnamestrijd rond ABN Amro is slechts een van de recente voorbeelden. Nog vorige week werd bekend dat het Canadese Thomson omgerekend 13 miljard euro biedt voor het Britse persbureau Reuters. De week daarvoor bleek dat de mediamagnaat Rupert Murdoch zijn zinnen heeft gezet op het Amerikaanse Dow Jones. Ook in minder in het oog springende sectoren, van fijnchemie tot grondstoffenproductie, is het fusie- en overnamecircus weer in volle gang.

De fusiegolf van rond de eeuwwisseling resulteerde, zo mag worden aangenomen, per saldo in een onwaarachtig grote vernietiging van kapitaal. De les zou moeten luiden: eerst een plan, dan pas tot actie overgaan. Nu haast en prestige wederom de overhand krijgen, lijkt het er niet op dat er veel van destijds is geleerd.