Een kerk van licht

Gisteren werd in Rotterdam met lichtzuilen de brandgrens uit mei 1940 gemarkeerd. Albert Speers ‘lichttheater’ uit 1937 was voller.

Rotterdam herdacht gisteren met een grote lichtshow dat het centrum van de stad 67 jaar geleden werd gebombardeerd met Duitse brisantbommen. Naar een idee van de kunstenaar Jeroen Everaert waren op de grens van het vernietigde gebied 128 schijnwerpers geplaatst. Hun recht omhoog gerichte lichtbundels beschenen de Rotterdamse hemel.

Her en der is opgemerkt dat het project leek op een ander lichtmonument. Zo schreef een verslaggever van Het Parool gisteren dat het „sterk doet denken aan de twee lichtzuilen die jaarlijks op 11 september in New York de plek markeren waar tot 2001 de torens van het World Trade Center stonden”. Dat zal vast. Maar nog sterker doet het denken aan de 150 lichtzuilen die de architect Albert Speer in de jaren dertig tijdens de jaarlijkse bijeenkomsten van de Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei (NSDAP) in Neurenberg liet neerzetten.

Albert Speer was Hitlers favoriete architect die de belangrijkste opdrachten van het naziregime kreeg. Voor zijn gebouwen, zoals die op het Reichsparteitagsgelände in Neurenberg, gebruikte hij steevast een Spartaans klassieke stijl die in de jaren dertig niet alleen in Europa, maar ook in de Verenigde Staten in de mode was. Speers enige echt oorspronkelijke vondst was de 150 zuilen die hij als ‘Chefdecorateur’ van de Reichsparteitage op een afstand van 12 meter van elkaar liet plaatsen op de door hem ontworpen tribune van het Reichsparteitagsgelände. In zijn biografie van Albert Speer noemt de Duitse historicus Joachim Fest Speers enscenering van de Reichsparteitage zijn „meest ingenieuze ingeving, de enige van blijvende aard”.

Zowel voor- als tegenstanders van het naziregime waren diep onder de indruk van de 150 lichtzuilen die bij goed weer 8 kilometer hoog waren. Het effect overtrof Speers eigen verwachtingen en zelfs de communistische schrijver Bertolt Brecht noemde de Neurenbergse rijkspartijdagen „zeer interessant theater”. De lichtzuilen vormden een ‘kathedraal van licht’, schreef een ooggetuige, en ze brachten de aanwezigen in een „bijna onaardse toestand, alsof ze door een toverhand in een van de kristallen fantasiekastelen uit de Middeleeuwen waren verplaatst”.

Zo’n ‘Dom aus licht’ hebben Everaerts schijnwerpers gisteren niet gevormd. Daarvoor stonden de 128 lichtzuilen over een lengte van 11,5 kilometer te ver van elkaar. Ze waren een Nederlandse variant van Speers lichtkathedraal – een sobere, kale gereformeerde kerk van licht.

Je kunt het wrang vinden dat het Duitse bombardement op Rotterdam is herdacht met een kerk van licht die lijkt op de belangrijkste bijdrage aan de architectuurgeschiedenis van Speer, Hitlers hofarchitect en minister van bewapening. Maar beter is het om er het zoveelste bewijs in te zien dat er niet zoiets bestaat als nationaal-socialistische architectuur. Wat 67 jaar geleden iedereen moest overtuigen van de grootsheid van het nationaal-socialisme, is in 2007 heel goed bruikbaar om een nazimisdaad te gedenken.