China zal Afrika nog meer helpen

China gaat nog meer zijn best doen om de economische ontwikkeling van Afrika te stimuleren, dan het al deed. Zo zullen Chinese ondernemingen, vooral kleinere, private bedrijven, worden aangemoedigd in Afrikaanse landen te investeren. Ook mogen de Afrikaanse landen rekenen op de overdracht van kennis die China heeft vergaard met zijn groeisucces.

Dat heeft de gouverneur van de Chinese centrale bank, Zhou Xiaochuan, vanochtend gezegd aan de vooravond van de jaarlijkse vergadering van Afrikaanse Ontwikkelingsbank. Die wordt morgen en overmorgen gehouden in Shanghai, China’s financiële en commerciële centrum. Gisteren al werd in Peking de oprichting bekendgemaakt van een speciaal Chinees-Afrikaans Ontwikkelingsfonds, met in eerste instantie omgerekend één miljard dollar in kas.

Het is voor de tweede keer dat dat de gouverneurs/aandeelhouders uit de meer dan zeventig lidstaten van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, die in 1964 werd opgericht, buiten het Afrikaanse continent bijeenkomen. De eerste keer gebeurde dat zes jaar geleden in Valencia.

Met het gastheerschap van de bijeenkomst in Shanghai wil de Chinese regering andermaal haar betrokkenheid met Afrika onderstrepen. Vorig jaar november schoven de staatshoofden van bijna alle 53 landen op het Afrikaanse continent aan op een tweedaagse top met de Chinese president en – belangrijker – partijleider Hu Jintao. Morgen zal de Chinese premier Wen Jiabao de zitting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank in Shanghai openen. Beide Chinese leiders hebben de afgelopen jaren verschillende rondreizen door Afrika gemaakt.

Critici zeggen dat de sterk gegroeide Chinese belangstelling voor Afrika vooral wordt gevoed door eigenbelang: handel én de behoefte aan grondstoffen – en dat zaken als mensenrechten en goed bestuur daarbij worden veronachtzaamd. Maar Peking zegt uit te zijn op samenwerking op voet van gelijkwaardigheid.