Verlies grote coalitie Bremen

In de Noord-Duitse stadsstaat Bremen hebben de partijen van een plaatselijke grote coalitie, SPD en CDU, tijdens regionale verkiezingen fikse verliezen geïncasseerd. De Groenen en de socialistische Linkspartei boekten winst. De Groenen behaalden hun beste resultaat ooit op deelstaatniveau. De Linkspartei, voortgekomen uit de voormalige communistische partij van de DDR, krijgt voor het eerst zetels in een regionaal parlement in een westelijke deelstaat.

De stadsstaat is te klein om grote invloed te kunnen hebben op de nationale politiek in Berlijn. Toch werd de uitslag in Berlijn op de voet gevolgd omdat in de Noord-Duitse stad, evenals in Berlijn, een grote coalitie aan de macht is en omdat er dit jaar maar één keer regionale verkiezingen zijn.

Bremen is traditioneel een SPD-bolwerk. De sociaal-democraten zijn er al zestig jaar aan de macht en zullen dat, ondanks verlies gisteren, ook blijven. De SPD verloor 5 procentpunten, maar blijft met 36,8 procent de grootste partij. Coalitiepartner CDU verloor 4 procentpunten en kwam op 25,6 procent. De Groenen behaalden 16,4 procent. De SPD kan kiezen tussen een rood-groene coalitie en verdere samenwerking met de christen-democraten. Burgemeester Jens Böhrnsen moet nog kiezen.

Hoewel de SPD in Bremen aan de macht blijft, bevat de uitslag volgens analisten twee waarschuwingen voor de partij: kleinere partijen profiteren snel van een grote coalitie en voor de kleinste partij in het verbond is het moeilijk zich te profileren. De landelijke SPD doet het in peilingen veel slechter dan de CDU van Angela Merkel. De sociaal-democraten in Berlijn maken zich al langer zorgen over de aantrekkingskracht van Groenen en Linkspartei.

Mocht Bremen een rood-groene regering krijgen, dan verliest de grote coalitie in Berlijn haar tweederde meerderheid in de Bondsraad, de deelstatenkamer die vergelijkbaar is met de Nederlandse Eerste Kamer. Een tweederde meerderheid is alleen van belang bij grondwetswijzigingen.