Extremist weg als voorzitter van parlement

In Servië is gisteren de ultra-nationalistische voorzitter van het parlement, Tomislav Nikolic, afgetreden, slechts vijf dagen nadat hij was gekozen. Zijn vertrek is de consequentie van het akkoord van de drie democratische partijen over een nieuwe regering.

Die partijen werden het dit weekeinde eens over de bezetting van de ministersposten. De regering wordt morgen geïnstalleerd.

Nikolic – wiens verkiezing in het westerse buitenland tot ongeruste commentaren had geleid – trad af toen duidelijk werd dat een motie van wantrouwen tegen hem een meerderheid zou krijgen. Hij zei dat „het Servische volk” hem had gekozen en dat „Brussel en Washington” hem nu vervangen. „Ik heb deze functie aanvaard op verzoek van premier Vojislav Koštunica, die vond dat een patriot het parlement moest leiden, aangezien Boris Tadic Servië zal verraden”, aldus Nikolic, verwijzend naar de pro-westerse president van Servië. Hij waarschuwde dat zijn partij – de grootste in het parlement – niet stil zal zitten als de aantredende regering lijdzaam zal toezien hoe Kosovo onafhankelijk wordt.

Vorige week had Nikolic na zijn verkiezing gezegd liever te zien dat Servië een Russische provincie wordt dan lid van de Europese Unie. Hij heeft eerder gepleit voor militair ingrijpen in Kosovo als dat onafhankelijk wordt. Gisteren bleek dat de partij van premier Koštunica, die hem vorige week in het zadel had geholpen, zich nu bij een motie van wantrouwen tegen hem zou keren.

De drie democratische partijen in het parlement, de Democratische Partij (DS) van president Tadic, de Servische Democratische Partij (DSS) van premier Koštunica en de liberale hervormers van G17 Plus hebben dit weekeinde overeenstemming bereikt over de samenstelling van de nieuwe regering.

Daarin krijgt de DS, de grootste van de drie, tot dusverre in de oppositie, dertien van de 25 ministeries, de DSS krijgt er acht – waaronder de functie van premier – en G17 Plus krijgt er vier. De DS krijgt alle ministeries die te maken hebben met de Europese integratie – die van Europese integratie zelf, Buitenlandse Zaken en Justitie, het ministerie dat verantwoordelijk is voor de uitlevering van oorlogsmisdadigers.

Binnenlandse Zaken, verantwoordelijk voor de politie en voor de opsporing en aanhouding van oorlogsmisdadigers, blijft evenwel bij de DSS. Wel worden de geheime diensten in het vervolg gecoördineerd door een nieuwe instantie onder de controle van president (en DS-leider) Boris Tadic. De ministeries van Financiën en Defensie gaan naar de DS, de DSS krijgt de ministeries van Infrastructuur, Handel en Energie. G17 Plus krijgt het belangrijke ministerie van Economische Zaken. Maar het loopt het ministerie van Financiën mis.

Het akkoord komt onder grote tijdsdruk tot stand: volgens de grondwet moeten er verkiezingen worden uitgeschreven als er uiterlijk morgen geen nieuwe regering is. De zittende regering-Koštunica is sinds de verkiezingen van 21 januari demissionair. (Reuters, VIP)