Wij stellen u de YouTube-killer voor: Joost

Ooit gehoord van Joost? Het is het geesteskind van de Zweedse oprichters van de internettelefoondienst Skype. Joost verspreidt videobeelden en gaat deze maand van start met ruim 150 kanalen. De inhoud loopt uiteen van cartoons via sitcoms tot lange speelfilms.

Joost heeft zojuist 45 miljoen dollar aan financiële steun in de wacht gesleept van eerste klas bedrijven zoals durfkapitaalverstrekker Sequoia Capital, de mediaconcerns CBS en Viacom, en anderen.

Joost heeft de rechten in licentie genomen van duizenden uren aan televisieprogramma’s en biedt deze beelden op aanvraag aan. Naast CBS en Viacom hebben ook Warner Brothers en andere maatschappijen toegezegd om shows en films te leveren. De kijker betaalt niets. Joost wil zijn inkomsten halen uit advertenties. Een deel van de opbrengsten zal worden gedeeld met de aanbieders van inhoud.

Het bedrijfsmodel van Joost zou wel eens een serieuze bedreiging kunnen gaan vormen voor YouTube. De populairste filmpjes op deze videotak van Google zijn namelijk niet de amateurfilmpjes van Bello die lekker met de baby dolt, maar door derden geplaatste films en tv-programma’s die auteursrechten schenden. Viacom heeft een schadeclaim van 1 miljard dollar ingediend tegen YouTube omdat auteursrechtelijk beschermd materiaal niet van de site is verwijderd. YouTube staat onder soortgelijke druk van Time Warner en andere mediagiganten.

De grote vraag voor Joost is of het bedrijf een publiek weet te trekken dat groot genoeg is. Maar dat lijkt wel aannemelijk. Anders dan de video-on-demand diensten van kabeltelevisiemaatschappijen, zal Joost gratis zijn. En anders dan bij de kabel kan het bedrijf zijn advertenties afstemmen op de voorkeuren van de gebruikers, op basis van de programma’s waarnaar deze gebruikers hebben gekeken.

Dit betekent dat adverteerders een grotere kans krijgen om hun boodschappen voor te schotelen aan het juiste publiek. En doorklik-advertenties op de site zullen adverteerders een middel in handen geven om de effectiviteit van hun campagnes te meten.

Een ander pluspunt is de kwaliteit van de aandeelhouders van Joost. De staat van dienst van Sequoia Capital met Google, Cisco, Yahoo en andere succesverhalen uit Silicon Valley is veelbelovend. Maar uiteindelijk zal het antwoord op de vraag of Joost leeft of sterft afhankelijk zijn van de snelheid waarmee internettelevisie bij het grote publiek aanslaat en de mate waarin het bedrijf weet te profiteren van het voordeel de eerste te zijn. Of de programma’s van Joost – waaronder een badpakkenkanaal van Sports Illustrated – kijkers zullen trekken staat nog te bezien.

Franse Gorilla of Europese energiereus

Een bod van het Franse nutsbedrijf EdF op zijn Duitse branchegenoot RWE zou een sensatie zijn. Er zou een Europese nutskampioen van 160 miljard euro door ontstaan, met een krachtige nucleaire component – een gigant die zelfs het Russische Gazprom stof tot nadenken zou geven.

De nieuwe entiteit zou waarschijnlijk worden verwelkomd door de autoriteiten van de Europese Unie. Zij zouden er een middel in kunnen zien om de liberalisering en rationalisering te bevorderen van de Europese elektriciteitssector, die nog steeds wordt gedomineerd door nationale belangen.

En hoewel er bezwaren zouden kunnen rijzen op het vlak van concurrentie of regelgeving, bevindt zich daar niets bij dat niet via onderhandelingen en concessies zou kunnen worden opgelost. EdF zal bijvoorbeeld zijn belang van 45 procent in de Duitse elektriciteitsproducent EnBW moeten afstoten, maar het zou waarschijnlijk geen moeite kosten een koper te vinden.

Toch gaat het bij overnames vooral om de timing. Als EdF werkelijk een bod wil uitbrengen op RWE, dan heeft het bedrijf een vreemd moment uitgekozen.

De werkelijke obstakels voor een transactie zijn politiek van karakter. EdF is voor 87 procent in handen van de staat, maar zou RWE moeten kunnen kopen en toch binnen de grenzen van de Franse wet moeten kunnen blijven, die verordonneert dat het overheidsbelang niet beneden de 70 procent mag uitkomen.

Het uiteindelijke prijskaartje van de hele transactie zou 45 miljard euro kunnen bedragen, ervan uitgaande dat het belang van EdF in EnBW wordt verkocht voor 5 miljard euro. Een bod dat voor tweederde zou bestaan uit EdF-aandelen en voor één derde uit contant geld, zou het aandeel van de Parijse autoriteiten in EdF boven de magische grens van 70 procent houden.

Maar daaraan ligt de veronderstelling ten grondslag dat de Duitse regering – of de gemeenten die de zeggenschap over RWE uitoefenen – bereid zou zijn om Duitse nutsbedrijven onder de invloedssfeer van Parijs te laten vallen. En dat lijkt onwaarschijnlijk. Het is twijfelachtig of de nieuwe Franse president Nicolas Sarkozy de volledige privatisering van EdF zou willen nastreven en de wetgeving zou willen amenderen die hij zelf als minister van Financiën al zo snel na zijn aantreden heeft ontworpen – vooral nu hem nog zoveel andere potentiële gevechten met de Franse vakbonden te wachten staan.

Het lijkt waarschijnlijker dat Sarkozy EdF zal vragen de zaak even te laten rusten. Topman Pierre Gadonneix moest het begin van zijn mandaat besteden aan het repareren van de gevolgen van de mislukte, slecht doordachte en dure overval die zijn voorganger heeft uitgevoerd op het Italiaanse Edison, zonder dat hij de Franse regering daarvan van tevoren op de hoogte stelde.

Hij zou deze les in gedachten moeten houden: vergeet nooit wie je aandeelhouders zijn.

Voor meer commentaar uit Londen: www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld