Rotterdam zou gezonde wijken moeten koesteren

De laatste weken werd in deze krant aandacht besteed aan de stedelijke ontwikkeling van Rotterdam. Steevast wordt daarin vermeld dat de verkeerde lijstjes worden aangevoerd en dat de gemeente meer haar best gaat doen om afgestudeerden en de middenklasse te behouden (NRC Handelsblad, 20 april).

Fraaie woorden van wethouders en gemeentefunctionarissen, maar het gevoerde beleid blijkt juist omgekeerd te zijn. Hillegersberg, een redelijk welvarende buitenwijk, is hier het voorbeeld van. Voor Rotterdamse begrippen is het misschien een oase, in vergelijking met omliggende gemeentes is het echter een benedenmodaal stukje woongebied. De meeste mensen wonen in laagbouwappartementen en in naoorlogse eengezinswoningen met een klein tuintje. Vaak zijn het gezinnen uit de middenklasse die in de stad werkzaam zijn. Zij leveren een grote bijdrage aan de Rotterdamse economie en de regionale maatschappelijke structuren.

Volgens de gemeente Rotterdam moet Hillegersberg nu verstedelijken, wordt het weinige groen in eerste instantie met 30 procent ingekrompen en wordt hoogbouw de norm. Overheid en projectontwikkelaars slaan de handen ineen om hoge flats rond de Bergse Plassen neer te zetten. Daarnaast worden alle problemen van de grote stad in snel tempo binnengehaald: van centra voor verslaafden tot een vastlopende infrastructuur. De opbrengsten van de immer stijgende OZB worden doorgesluisd naar andere wijken.

Het resultaat van dat alles? Gezinnen met kinderen zoeken hun rust en ruimte in omliggende gemeenten. Het lijkt wel of Rotterdam niets heeft geleerd van de afgelopen dertig jaar. Bewoners met een grote sociale en economische bijdrage moet je niet wegjagen met verstedelijkingsplannen. Gezonde wijken moet je koesteren.