Ruzie over bestrijding terrorisme

Binnen de overheid bestaat onenigheid over de werkwijze van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb). Dat leidt tot spanningen tussen organisaties die zich bezighouden met terreurbestrijding.

Dat zeggen bronnen bij de diensten in Den Haag. Volgens hen probeert de NCTb van Tjibbe Joustra zich te veel tot veiligheidsdienst te ontwikkelen, terwijl de dienst zich alleen als coördinator van terreurbestrijding zou moeten opstellen. Daarmee wordt de NCTb een concurrent voor de Algemene en Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (AIVD en MIVD).

Naast de inlichtingendiensten onderhoudt de NCTb ook contacten met het Openbaar Ministerie, de politie, andere overheden en belangrijke bedrijven. De NCTb „regisseert” de activiteiten van terreurbestrijdingsorganisaties.

Signalen dat de werkwijze van de NCTb tot onderlinge spanningen leidt, waren er al eerder. Zo concludeerden onderzoekers in opdracht van het ministerie van Defensie een half jaar geleden dat de NCTb contacten van Nederlandse inlichtingendiensten met buitenlandse zusterorganisaties dreigde te verstoren.

De Nationaal Coördinator is door andere organisaties „niet met gejuich ontvangen”, zegt een bron. De twintig organisaties die zich met terrorismebestrijding bezig houden zijn soms „talent” kwijtgeraakt aan de NCTb, en zien ook hoe deze organisatie zich met dingen bemoeit waarvoor zij zich verantwoordelijk achten. Zij moeten eigen informatie nu met de NCTb delen, iets waar inlichtingendiensten huiverig voor zijn. Andere diensten zijn soms ongelukkig met de manier waarop de NCTb deze informatie verwerkt. Dat heeft geleid tot competentiestrijd en onzekerheid over wie wat moet doen, zeggen bronnen. De situatie lijkt niet te zijn verbeterd. Nog steeds zijn de andere organisaties niet blij dat de NCTb hun terrein betreedt. De Nationaal Coördinator valt onder de ministers van Justitie en Binnnenlandse Zaken.

Betrokkenen spreken van „een rommeltje”, of een „diep wantrouwen” tussen de leidinggevenden van de verschillende diensten. Anderen zeggen dat de spanning door karakter en gevoeligheid van het werk onvermijdelijk is. „De spanning wie waarover gaat is gezond. Het houdt iedereen scherp”, zegt een andere betrokkene. De ministers willen niet reageren.