‘Irak overschaduwt de positieve zaken’

Groot-Brittannië maakt de balans op van 10 jaar Blair. Neil Kinnock, ex-Labour-leider, vindt dat Blair te weinig lof krijgt voor alles dat wél goed is gegaan. „Hij was niet geliefd, hoewel hij dat wel verdiende.”

Vanuit zijn kantoor in het centrum van Londen heeft de vroegere Labour-leider Neil Kinnock een fraai uitzicht op het parlementsgebouw, waar hij tussen 1983 en 1992 als oppositieleider heftige debatten voerde met de Conservatieve premier Margaret Thatcher en haar opvolger John Major. Ook Downing Street 10 is te zien, indertijd onbereikbaar voor Kinnock zelf maar later de ambtswoning van zijn partijgenoot Tony Blair, die gisteren na tien turbulente jaren zijn vertrek aankondigde.

Na een tijd als Europees Commissaris in Brussel leidt Kinnock (65), die ook lid van het Britse Hogerhuis is, nu de British Council, de organisatie die de Britse cultuur in het buitenland bevordert.

Wat is volgens u Blairs belangrijkste politieke erfenis?

„Er is een veel grotere welvaart en economische stabiliteit in het land dan in 1997. Verder heeft Blair het politieke midden naar links verschoven, al erkent Tony dat niet graag. Hij zorgde voor ongekende investeringen in gezondheidszorg en onderwijs, een minimumloon en voor armoedebestrijding onder gezinnen. Het hoger onderwijs is veel toegankelijker geworden en de wetgeving inzake seksuele geaardheid is vrijer. De Conservatieven zouden hier niet over hebben gepiekerd. Toch zijn die dingen nu algemeen aanvaard.”

Is die erfenis duurzaam?

„Het wordt moeilijk voor een Conservatieve regering de klok terug te draaien. Blairs regering heeft laten zien dat het oude excuus – we willen wel meer aan onderwijs en volksgezondheid uitgeven maar missen de middelen – niet meer geldt. Dat is echt een politieke aardverschuiving.”

Maar volgens critici is de ongelijkheid gegroeid. Arme jongeren halen moeilijker de universiteit.

„Dat is volstrekte onzin. Ik ben president van de Universiteit van Cardiff, waar ik zelf in de jaren zestig studeerde. Toen ging 2,5 procent van de 18-jarigen studeren, nu 37 procent, terwijl de toelatingseisen omhoog zijn gegaan. Het is waar dat mensen aan de onderkant het nog moeilijk hebben. Maar het zijn er niet veel meer. Daardoor vallen ze meer op.”

Is Labour zijn koers niet kwijtgeraakt doordat Blair de oude ideologie overboord zette? Zijn pragmatische leus was te doen ‘wat werkt’.

„Ik zelf heb die leus verzonnen. De realiteit is dat Labour nooit een ideologische partij is geweest. Volgens mij gaat democratisch socialisme over gelijkheid, gelijke kansen, zorg en vrijheid. Dat is niet echt ideologie, dat zijn doelen die berusten op zekere waarden. Wij moeten ons onderscheiden met inzet voor praktische menselijke waarden. Dat past ook bij het temperament van de Britten, want die zijn nooit erg doctrinair geweest. Ik geloof evenmin dat Labour onder Blair veel heeft weggegooid.”

Hoe komt het dat Blair nooit echt populair is geworden in de partij?

„Hij was niet geliefd, hoewel hij dat wel verdiende. Er was wel veel respect voor hem als iemand die verkiezingen kon winnen en als een man met een voortreffelijke presentatie.”

Maar u zelf noemde hem ook iemand die opziet tegen rijken?

„Het heeft me altijd verbaasd dat iemand met Tony’s achtergrond zo onder de indruk kan zijn van rijkdom, uniformen, spionnen en religieuze lieden. Hij heeft een tamelijk bevoorrechte achtergrond, ging naar een public school, is bijzonder intelligent, goed gekwalificeerd en echt een aardige vent. Maar hij let naar mijn smaak te veel op het establishment. Dat is deels waarom partijleden hem niet mogen. Oude klassenvooroordelen, hoezeer die ook zijn weggesleten, speelden eveneens een rol.”

Ook Irak droeg natuurlijk bij aan Blairs impopulariteit.

„Irak bederft zijn nalatenschap. Het overschaduwt de positieve zaken die hij tot stand heeft gebracht. Het vreet ook aan het vertrouwen in hem, een giftige combinatie in een democratie. Ook zijn nauwe relatie met president Bush, die hier gehaat wordt, wekte wrevel. Ik denk dat Blair echt geloofde in het gevaar van Iraakse massavernietigingswapens. Als hij de mensen misleid heeft, dan deed hij dat niet opzettelijk. Maar in de politiek win je geen punten met oprechte bedoelingen.”

Blair omschrijft zichzelf nog als een ‘proud interventionist’?

„Over de interventies in Kosovo en in Sierra Leone zei men dat het riskante maar goede beslissingen waren. Als dat het hele verhaal was geweest, dan had er nu vast een vredesmacht van 20.000 man in Darfur gezeten. Door Irak is dat niet gebeurd. Dat is nog een aspect van deze tragedie.”