Hoe lui is de lezer?

Henk Blanken en Mark Deuze: PopUp. De botsing tussen oude en nieuwe media. Atlas, 254 blz. €19,90

PopUp gaat over de strijd tussen oude media (kranten, televisie) en nieuwe media (vooral internet). Dat gevecht is volgens Henk Blanken en Mark Deuze al tien jaar aan de gang en ‘nog altijd wijst weinig erop dat de oude media een serieuze kans hebben het er heelhuids af te brengen’. Zo’n uitspraak wint aan gewicht als we weten dat de eerste auteur adjunct-hoofdredacteur van het Dagblad van het Noorden is en de tweede hoogleraar journalistiek en nieuwe media aan de Leidse universiteit. Zowel de oude als de nieuwe media zijn in het schrijversduo vertegenwoordigd, en dat wekt verwachtingen.

De belangrijkste stellingen van Blanken en Deuze zijn overigens niet nieuw: de oude media zijn ingedut, hebben zich met het establishment vereenzelvigd en proberen uit alle macht de opkomende nieuwe media te negeren en te bagatelliseren. De aanhangers van de nieuwe media koesteren op hun beurt een diep wantrouwen tegen de oude media, bovendien zijn dat mensen die anders in het leven staan. Ze zijn niet passief en lethargisch zoals de gebruikers van de oude media. Ze chatten, ze schrijven weblogs, ze discussiëren met elkaar. Mediaconsumptie is voor jongeren tegenwoordig synoniem met mediaproductie, stellen Blanken en Deuze. De oude media zullen nog wel even doormodderen, maar de vraag is niet óf de oude media zullen verdwijnen, zeggen ze, maar wanneer dat zal zijn.

Dat zou wel jammer zijn, zo moet je afleiden uit hun betoog want in die nieuwe media wordt een hoop afgekletst en gefabuleerd en ontaarden onderlinge discussies niet zelden in ‘de scherpste, persoonlijke aanvallen.’

Dan kunnen die nieuwe media dus nog heel wat leren van die oude? Nee, het gekke is dat Blanken en Deuze vinden dat het eerder andersom is. Dat wordt ingegeven door hun hardnekkige geloof dat het met die oude media een aflopende zaak is, en dat idee wordt weer geschraagd door een analyse van maatschappij en media van zeer onbarmhartige snit.

Op dit punt aangekomen gaat het fout, want het boek bevat zoveel gemakkelijke generalisaties dat je het steeds minder serieus neemt. Is het werkelijk waar dat de journalist van tegenwoordig alleen nog maar woordvoerders, voorlichters en communicatieadviseurs kent? Dat wat er aan straatleven in oude media te lezen valt zich beperkt tot ‘brandjes, aanrijdingen, kruimeldiefstallen en sportevenementen’? Dat de menselijke behoefte aan informatie niet heel groot is, want: ‘eigenlijk is de mens lui’? Dat de ‘gemiddelde Nederlander zijn nieuwsmedia niet vertrouwt’? Dat oude media inzake betrouwbaarheid ‘een groter probleem’ hebben dan nieuwe? Dat we tegenwoordig in een ‘hyperindividualistische’ maar tegelijkertijd ‘strak geregisseerde’ samenleving leven, waarin ‘alle zekerheden zijn verdwenen’?

PopUp behandelt een goed onderwerp, het is vlot geschreven, maar bezwijkt onder een onder een karrevracht aan sociologische hyperbolen.