Geniepig glurend door de gordijnen

In de films van Tim Burton groeien de bomen altijd net wat mooier dan ze in werkelijkheid doen. Hun takken zijn voorzien van barokke knoesten (in Sleepy Hollow), of prachtig versierd met sliertjes Spaans mos (in Big Fish). Perfect symmetrisch staan ze langs lange lanen en reiken elkaar hoog in de lucht de hand. Vaak ontbreken de bladeren, zodat hun grillige contouren nog fraaier uitkomen.

De bomen op de schilderijen van Lara de Moor (1969), nu te zien in de galerie van het Leids Universitair Medisch Centrum, doen aan die Burton-bomen denken. Ze zijn in een uiterst realistische stijl geschilderd, met oog voor de kleinste details. En toch zijn ze niet helemaal echt. Op het schilderij Other Grounds (2006), waarnaar de tentoonstelling vernoemd is, groeien de kale boomtakken decoratief naar elkaar toe – alsof het haakwerkjes zijn. En op Mirror (2003) weerspiegelen hoge naaldbomen bloedrood in een plas. In de reflectie zijn de boomtoppen veel fijner vertakt dan in de ‘echte’ wereld, en hebben ze veel weg van haarvaatjes.

De Moor past meer van dit soort surrealistische trucjes toe in haar voorstellingen. Het schilderij Tone laat een duister woud zien, waarvan enkele plekken zijn ‘opengewerkt’. Het is alsof het doek door de eeuwen heen vervuild is geraakt, en de vernislaag is vergeeld. Maar op gezette plaatsen lijkt het schilderij weer opgepoetst, en komen de oorspronkelijke heldere kleuren tevoorschijn.

Op het werk met de titel Let’s build a fire (2005) is juist het tegenovergestelde aan de gang. Daar gaat een realistisch geschilderd interieur deels schuil achter amorfe vormen. Pas als je een stap achteruit doet, zie je dat het schroeigaten zijn. Het schilderij doet alsof het een filmrol is die te dicht langs de projectorlamp gegleden is. En daardoor is een deel van het celluloid nu gesmolten.

Vrijwel alle schilderijen van De Moor hebben van deze dubbele bodems, en dat maakt haar tentoonstelling tot een intrigerende kijkervaring. Keer op keer word je op het verkeerde been gezet. Achter iedere voorstelling blijkt weer een andere schijnwereld te schuilen. En doordat De Moor de techniek zo uitstekend beheerst, geloof je wat je ziet. Ze is een meester in het schilderen van beslagen ruiten of transparante vitrage.

Hoe langer je op de tentoonstelling rondhangt, hoe beklemmender de schilderijen lijken te worden. Een broeierige sfeer vult de ruimte. Een sfeer die nog het beste te omschrijven is als een mix tussen het bovennatuurlijke uit de films van David Lynch en de suspens van Alfred Hitchcock. De Moor maakt het soort kunst waar je nachtmerries van kunt krijgen.

Soms gaan de werken ook onderling een relatie met elkaar aan. Want lijkt die jongen die op het doek Residue #1 zo geniepig tussen de gordijnen door gluurt niet erg op Norman Bates, de hoofdrolspeler uit Psycho? Zijn haar zit in elk geval wel verdacht keurig op zijn hoofd geplakt. Het zou niet verbazen als hij zo dadelijk de pruik van zijn moeder op zijn hoofd zet.

Een paar schilderijen verderop neemt een mager meisje een bad. Wij begluren haar vanachter de deur, waar prominent een sleutel in steekt (The Key, 2005). Zich van geen kwaad bewust, test de vrouw met haar handen de temperatuur van het badwater. Maar wij weten, met Hitchcocks douchescène in ons achterhoofd, wat haar te wachten staat. Als de schuchtere jongen Norman Bates is, dan is zij Marion Crane. Nog even en haar bloed zal door het afvoerputje naar de onderwereld stromen.

Lara de Moor: Other Grounds. T/m 10 juni in Galerie LUMC, Albinsdreef 2, Leiden. Dagelijks 8-20u. Inl: www.galeries.nl/lumc