Studie met een groen randje

Duurzaamheid trekt studenten naar universiteit en hogeschool. Maar duurzaamheid is een rekbaar begrip. Wie zich met het predicaat duurzaam wil tooien, behoeft een kwaliteitskeurmerk.

‘Vieze handen? Daar hadden sommige van hen het niet zo op.” Jef Vandenberghe, hoogleraar fysische geologie aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam, heeft het over de 41 studenten die zich dit jaar inschreven voor de bachelor Aarde en Economie. Een nieuwe, ‘duurzame’ opleiding aan de VU, verzorgd door de faculteit aardwetenschap én de faculteit economie. Van smetvrees lijkt, bij de nu nog 36 studenten, geen sprake meer. In de collegezaal verwerken zij op rood millimeterpapier de resultaten van een grondboring.

Een opleiding als Aarde en Economie is allang niet meer enig in haar soort. Zo verzorgt de Radboud Universiteit Nijmegen de leergang Duurzaam Ondernemen, kunnen economiestudenten aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) een keuzevak Sustainable Management volgen en beschikt een beetje hogeschool in Nederland over een lector Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.

„Het aanbod is divers”, zegt Nico Roorda van het kennisinstituut Duurzaam Hoger Onderwijs (DHO). Hij adviseert universiteiten en hogescholen die duurzaamheid in hun onderwijsaanbod willen integreren. „In veel opleidingen, variërend van economie tot verpleegkunde, is duurzaamheid met een basisvak in het curriculum verweven. Zo’n basisvak maakt studenten bewust van duurzame thema’s zoals bijvoorbeeld de verdeling van de welvaart in de wereld. Daarnaast is er een beperkt aantal studies, vaak met een technisch of chemisch karakter, dat zich geheel wijdt aan de impact van industriële processen op de natuur.” Aldus Roorda die namens DHO met 75 procent van de ongeveer zestig universiteiten en hogescholen in Nederland contact onderhoudt.

Aarde en Economie moet in de laatste categorie geschaard worden. Vandenberghe over ‘zijn’ studie: „Bij geen andere opleiding is er sprake van zo’n verregaande integratie van de exacte aardwetenschap en de economische wetenschap. Neem de droogte van de afgelopen tijd. De waterschappen hielden alweer de veendijken in de gaten om een dijkdoorbraak zoals in 2003 in Wilnis te voorkomen. Deze studenten zijn straks in staat de kwetsbare plekken in ons dijkenbestel te onderkennen. Maar ook weten zij dat je een nieuwe woonwijk of een industrieterrein beter achter een zanddijk dan achter een veendijk kunt aanleggen. Dat inzicht in de natuurlijke processen bij economische beslissingen ontbreekt nog wel eens in het land.”

George Molenkamp, voorzitter Global Sustainability Services bij KPMG en docent Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen aan de UvA: „Duurzame bedrijfsvoering staat bij veel bedrijven hoog op de agenda. Sommige bedrijven doen dit zorgvuldig. Andere kijken vooral naar hun concurrenten en vertonen vervolgens kopieergedrag. Het risico is dat de inspanningen aan de oppervlakte blijven.”

Ook Lucas Reijnders, hoogleraar Milieukunde aan de UvA, ziet wel eens minder geslaagde initiatieven om zich heen. „Neem de huidige trend om de CO2-uitstoot met de aanplant van bomen elders op de wereld te compenseren. Als je met een vliegtuig reist, stoot je in één klap broeikasgassen uit. Het is de vraag of deze uitstoot door een boom op lange termijn teniet wordt gedaan. Een boom kan voortijdig doodgaan of zelf weer verbrand worden. In elk geval blijft de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer niet hetzelfde .”

Vandenberghe zou graag zien dat zijn studenten straks in staat zijn om „creatieve oplossingen te ontwikkelen die duurzaam zijn voor het landschap, de economie en de samenleving”. Hij geeft nog een voorbeeld: „Door hun geologische kennis kunnen de studenten straks hun waarde bewijzen bij de verwerking van sludge. Dat is verontreinigde modder die vrijkomt bij diepe grondboringen naar olie en gas. Verwerking moet zo gebeuren dat geen vervuiling van het grondwater optreedt, en op een kostenefficiënte wijze. Op dit punt hebben we in het verleden in Noorwegen al eens onze diensten verleend aan het olieconcern Staedt .”

De balans vinden tussen people, planet en profit, daar draait het volgens George Molenkamp om. „Waren het in de beginjaren yuppen in maatpak die snel geld wilden verdienen en geen vragen stelden over de maatschappelijke context, daar zie ik nu jonge, gemotiveerde mensen die echt iets willen bijdragen aan een betere wereld.” Molenkamp kan geen gouden bergen beloven, toch raadt hij iedere student aan zich met de duurzame economie bezig te houden. „Alleen al voor je persoonlijke verrijking.”