Russische intimidatie

Het is begrijpelijk dat burgers van Centraal-Europese landen die generaties lang door de Sovjet-Unie werden bezet, gemengde gevoelens hebben over het feit dat ze ook ooit van de nazi’s zijn bevrijd door het Rode Leger. Voor deze landen werd in feite na de oorlog de Duitse bezetting vervangen door een Sovjet-Russische. Vandaar dat de Russische viering van de jaarlijkse Overwinningsdag vandaag pijnlijke gevoelens oproept in deze voorheen bezette landen.

Een grote herdenking is op zichzelf op haar plaats. Het Russische leger heeft een heroïsche strijd gevoerd tegen de nazi’s en veel meer offers gebracht dan de westerse geallieerde troepen. Er zijn talrijke nabestaanden van oorlogsslachtoffers en een aantal Russische veteranen leeft nog. Maar de symboliek van de bevrijding door het Rode Leger maakte tegelijkertijd onderdeel uit van een onderdrukkende staatsideologie over de Sovjetbezetting van Centraal-Europa.

De Russen tonen geen begrip voor het feit dat hun eigen rol in het verleden omstreden is bij de buurlanden. Die landen zijn met medewerking van de voormalige Russische leiders Gorbatsjov en Jeltsin vrijgemaakt van de Sovjet Unie; de meeste zijn nu lid van de Europese Unie. Maar in tegenstelling tot zijn voorgangers is president Poetin een autoritair leider. Hij oefent zware politieke druk uit op de vroegere bondgenoten.

Door georkestreerde campagnes, dreigingen en protesten hebben hij en zijn aanhangers zich vorige week rechtstreeks bemoeid met de verwijdering van een monument over de Tweede Wereldoorlog uit het centrum van de Estse hoofdstad Tallinn. Ontactisch was de verplaatsing van dit monument zeker. Op last van de Estse regering ging het uit het centrum van de stad naar een begraafplaats. Een kwart van de 1,3 miljoen tellende bevolking in Estland is van Russische afkomst. Deze minderheid heeft ook rechten en gevoeligheden. Maar de verplaatsing is een beslissing van een soevereine regering, waar Rusland niets mee te maken heeft. Met hun dreigementen hebben Poetin en zijn aanhangers de situatie van de Russische minderheid in Estland er niet gemakkelijker op gemaakt.

In Rusland zelf levert uitbuiting van nationalistische gevoelens helaas politiek voordeel op. De autoritaire koers van Poetin gaat ten koste van onafhankelijke journalisten en dissidenten. De Europese Unie moet niet wijken voor intimidatie. Een goede stap was daarom de demarche van de Europese Commissie jegens de Sovjetregering na de intimiderende demonstraties voor de Estse ambassade in Rusland. De Estse premier gaf een goed voorbeeld door gisteren een krans te leggen bij het verplaatste monument. Dat staat in contrast met het optreden van Poetin, die bij de viering van Overwinningsdag vandaag weer indirect refereerde aan het verwijderen van het monument. Een legitieme herdenking mag geen aanleiding worden tot nieuwe strijd. Spanningen tussen bevolkingsgroepen mogen niet door buitenlandse inmenging worden uitvergroot.