Chatten met figuren die namen hadden als Viezedicky777

Ik geloofde nooit zo in die spookverhalen over kinderen die enge mannen ontmoetten op internet, tot ik een keer toezicht moest houden op een groep kinderen. Ze zaten in een klaslokaal met computers en begonnen, zodra hun juf weg was, te chatten met figuren die namen hadden als Viezedicky777.

Angstig rende ik van computer naar computer, bang dat ze ter plekke verleid en verkracht zouden worden. (Ik schrok trouwens vooral van het taalgebruik van de kinderen zelf. Ze typten dingen waar de gemiddelde pedofiel een hartverzakking van zou krijgen.)

De Viezedicky’s zijn echt out there, is gebleken uit recent onderzoek, dus was het tijd om kinderen te vertellen over de gevaren van internet. Op speelse wijze, uiteraard, want alles met kinderen moet altijd op speelse wijze. Vroeger niet, toen kregen we gewoon te horen: ‘Als je een potloodventer ziet, moet je hard wegrennen.’ (En vroegen we ons nog jaren af wat een potloodventer eigenlijk was.) Nu krijgen kinderen een speciale Suske en Wiske over de gevaren van internet, getiteld: Suske en Wiske en de Sinistere Site. Dialoog: Wiske: „De site is weer beveiligd!” Jerommeke: „Zal openkraken!”

Om onduidelijke redenen werd de strip op een schooltje in Osdorp gepresenteerd door de levensgrote Suske en Wiske en de Belgische minister van Werk en Informatisering. Diverse kinderen mochten naar voren komen om over hun internetavonturen te vertellen. Een jongetje vertelde: „Ik was een keer op msn. En toen was er een man. En die vroeg allemaal dingen. En toen liet hij zijn lul zien. En toen was hij weg.” De leerlingen lagen dubbel om dit verhaal, maar de minister van Werk en Informatisering niet. Hij vroeg voor de zekerheid: „Heb je dat aan je ouders verteld?” „Néé”, antwoordde het jongetje verontwaardigd. „Alleen aan mijn vrienden!”

De volgende leerling had al net zo’n eng verhaal. „Ik zat een keer in een chatbox. En toen vroeg zo’n man: wil je naar het kikkerpleintje komen? En toen zei ik nee. En toen ging hij me uitschelden enzo.”

Ik vond het nogal schokkend, maar de kinderen kregen alweer de slappe lach. Om de presentatie leuk af te sluiten, besloot de minister van Werk en Informatisering dat hij Wiske een kus wilde geven. Dat deed hij, en toen bleek dat de boodschap over oudere mannen en kleine kinderen toch wel overgekomen was. In koor riepen alle leerlingen: „Ieeeeeeeuw!”