Welkom, Sarkozy...

De nieuwe Franse president is volgens critici alleen maar uit op macht.

Zij vergeten dat het Franse volk oppermachtig is.

Direct al bij zijn aantreden in 2002 als minister van Binnenlandse Zaken maakte Nicolas Sarkozy indruk met zijn doortastende optreden. Ook heeft hij er nooit twijfel over laten bestaan dat de koers die hij voor zichzelf had uitgezet moest eindigen in het Elysée, het presidentiële paleis. Al die tijd is niemand van zijn partijgenoten erin geslaagd zijn kandidatuur serieus te betwisten. Minister-president Dominique de Villepin, en minster van Defensie Michèle Alliot-Marie deden een timide poging, maar trokken zich terug toen de populariteitspolls duidelijk maakten dat ze kansloos waren; tenslotte besloot ook president Jacques Chirac na lang aarzelen af te zien van zijn ambitie voor een derde termijn als president. Tegenover Sarkozy wist ook hij zich kansloos.

De Amerikaanse columnist William Pfaff typeerde Sarkozy onlangs in NRC Handelsblad als een kandidaat die maar één doel nastreeft, en dat is zijn eigen succes. Voor hetzelfde geld had hij, aldus Pfaff, de kandidaat voor links kunnen zijn. Pfaff baseert zijn mening op het feit dat Sarkozy zich nooit een echte liberaal heeft getoond. Zo toonde hij zich een economisch patriot door zich op te werpen als de beschermer van Franse bedrijven. Met dit verwijt toont Pfaff een gebrek aan kennis van de Franse politieke zeden. Politici worden in dit land namelijk hoe dan ook geacht op te komen voor de belangen van de achterban.

Die belangenbehartiging gaat onvoorstelbaar ver. Het verbaast me altijd weer hoe weinig aandacht er in Nederland is voor dit wezenskenmerk van de Franse politieke cultuur. Zo werd in de Nederlandse media nauwelijks aandacht besteed aan de strijd waarmee het Kamerlid Jean Lassalle een jaar geleden de Franse aandacht gevangen hield.

Lassalle vertegenwoordigt een kiesdistrict in de Pyreneeën waar een bedrijf is gevestigd met 150 personeelsleden. De Japanse eigenaren hadden besloten het uit te breiden en die uitbreiding te realiseren in een industriegebied 65 km verderop. Dat zou, zo vreesde Lassalle, op termijn wel eens kunnen leiden tot de sluiting van de vestiging in zijn eigen kiesdistrict. Daarom eiste hij dat die uitbreiding in zijn district zou plaatsvinden. Om zijn eis kracht bij te zetten ging hij in hongerstaking. Na 39 dagen zag de inmiddels in een ziekenhuis opgenomen Lassalle zijn eisen door de Japanse bedrijfsleiding ingewilligd. President Chirac, minister-president de Villepin, en ook Sarkozy verklaarden alle drie trots met hun bemiddelende rol een bijdrage te hebben geleverd aan de goede afloop. Kranten juichten het succes van de moedige strijder toe. Geen woord van kritiek op deze chantage als strijdmiddel. En geen woord over het feit dat het gedrag van Lassalle schadelijk is voor de Franse economie.

De rol van degenen die Frankrijk vertegenwoordigen op het politieke wereldtoneel is geen andere dan die van Lassalle. Ook hun blik reikt niet verder dan de onmiddellijke belangen van het eigen kiesdistrict. Sarkozy is geen liberaal met een open oog voor de plaats van Frankrijk in een zich mondiaal ontwikkelende economie. Dat de Franse export stagneert, is niet de schuld van Frankrijk, maar van de te dure euro, aldus de Fransen. De Europese regelgeving op jachtgebied, de privatisering van de post, het vervoer en de energievoorziening, allemaal prima, maar voor Frankrijk dient een uitzondering te worden gemaakt. De traditie wil nu eenmaal dat het daar allemaal net even anders ligt. Geen Fransman die dat betwijfelt, dus ook Sarkozy niet.

De opmars van Sarkozy naar het presidentschap kende slechts één hobbel. Die was een gevolg van zijn reactie op de rellen in de Franse voorsteden, de banlieues. Hij betitelde de jongeren die de vernielingen aanrichtten als ‘racaille’, tuig. Zijn tegenstanders verweten hem toen geen oog te hebben voor de sociale ellende van de voornamelijk allochtone jongeren. Maar hoe dan ook, Sarkozy had natuurlijk gelijk: de jongeren die agenten en buschauffeurs molesteerden en duizenden auto’s van hun al even arme buren in de verpauperde wijken in brand staken, waren natuurlijk tuig. Maar de politieke correctheid wil dat zij uitsluitend worden gezien als slachtoffers, en, met een werkloosheid onder die ongeschoolde jongeren in de voorsteden van ongeveer 50 procent, zijn ze dat in veel opzichten ook.

Wanneer Sarkozy over ruim een week Chirac opvolgt, zullen ook zijn politieke tegenstanders niet langer deze uitspraak gebruiken om hem in diskrediet te brengen. Hij is dan de president van alle Fransen. En die beschadig je niet.

Leo Prick, columnist voor NRC Handelsblad, woont afwisselend in Nederland en in een Frans dorpje bij Bar-Le-Duc.

Bezoek de sites van Nicolas Sarkozy en zijn partij, sarkozy.fr en ump.fr