Laat Sarkozy ons slikken of stikken?

Hebben we er een nieuwe bondgenoot bij, zoals minister Verhagen (Buitenlandse Zaken) zei in een reactie op de verkiezing van Sarkozy als nieuwe Franse president? Zo ja, was er tot nu toe een vijand aan de macht in Parijs? Kan het zijn dat Verhagen niet alleen verheugd is over Sarkozy’s plannen om Frankrijk te moderniseren, maar dat hij vooral in Sarkozy een bondgenoot ziet die de impasse rond het Europees grondwettelijk verdrag kan doorbreken? Dat verdrag dat zo onprettig in de lucht hangt sinds het twee jaar geleden door Nederlanders en Fransen per referendum werd verworpen?

De nationale maskerade over dat verdrag die de kabinetten-Balkenende II, III en IV sinds de zomer van 2005 hebben vertoond, zal nog wel even doorgaan. Balkenende tekende het verdrag in 2004 namens Nederland. Sinds het afwijzende referendum roept hij steeds, ook in andere Europese landen, dat hij aangaande Europa voortaan „zeer nauwkeurig” naar de Nederlandse kiezers zal luisteren. Hoewel die kiezers destijds op een groot aantal uiteenlopende gronden nee zeiden, zodat moeilijk uit te maken valt wat precies hun Europese preferenties zijn.

Verhagen was in zijn vorige bestaan, als voorzitter van de CDA-fractie in de Tweede Kamer, hartelijk vóór dat verdrag. Nu komt hij zijn EU-collega’s vertellen dat er stevig aan moet worden gesleuteld wil Den Haag akkoord kunnen gaan. Die collega’s hebben de (soms moeizame) goedkeuring van dat verdrag in hun eigen landen al achter de rug, dus zij zien Verhagen niet zó graag komen.

De huidige staatssecretaris Timmermans (Europese Zaken, PvdA) was in zijn vorige leven als fractiewoordvoerder zeer stellig voor het grondwettelijk verdrag. Hij kon moeilijk anders, hij was lid van de Europese conventie die dat verdrag onder leiding van de Franse oud-president Giscard ontwierp. Gisteren was Timmermans op Radio 1 te horen. Hij ging op reis naar Wenen om daar duidelijk te maken, zei hij, dat bij een herziening van het Europese verdrag terdege met Nederland en zijn afwijkende posities rekening moet worden gehouden. Het was alsof hij zei: vergeet mijn werkstuk van eergisteren, wij hebben onze kiezers geraadpleegd en denken nu anders, dat moet u goed begrijpen. Dat klonk aangrijpend. (Terzijde: Timmermans was de afgelopen jaren vierkant tegen Nederlandse deelneming in de JSF. Mag daarover van hem straks op Buitenlandse Zaken ook zo’n salto worden verwacht?)

Sarkozy voelt, zo ontleen ik aan een toespraak die hij vorig najaar in Brussel hield, voor een Europees miniverdrag, dat ontdaan is van wat als grondwettelijke aspecten zou kunnen worden gezien. Hij wenst daarover geen referendum. Zijn prioriteiten sporen wat de institutionele vernieuwing van de EU betreft grotendeels met het verworpen stuk. Dat geldt voor de meerderheidsbesluitvorming (met 55 procent van de lidstaten en 65 procent van de bevolkingsaantallen), het medebeslissingsrecht van het Europees Parlement, de verkiezing van de voorzitter van de Europese Commissie door dat parlement en de gele-kaartprocedure, waarmee het de Commissie tot heroverweging van voorstellen kan dwingen. Sarkozy wil ook blijven bij het idee van het verdrag om de voorzitter van de Europese Raad voor enkele jaren aan te wijzen (niet meer halfjaarlijks rouleren) en een EU-minister van Buitenlandse Zaken te benoemen die tevens vicevoorzitter van de Commissie is.

De nieuwe Franse president wil de Unie, zoals het verdrag al bepleitte, rechtspersoonlijkheid geven, zodat deze juridisch partij kan zijn bij internationale overeenkomsten. Voor een Turks lidmaatschap voelt hij niet, een geprivilegieerd partnerschap voor Ankara is genoeg, vindt hij, net als de CDU/CSU van de Duitse bondskanselier Merkel. Met Merkel, die tot 1 juli het voorzitterschap in de EU bekleedt en dan een oplossing wenst, zou Sarkozy op korte termijn overeenstemming over zo’n miniverdrag willen bereiken. In 2008, wanneer Frankrijk EU-voorzitter is, moet dan ratificatie volgen, vóór de Europese verkiezingen van 2009.

Wanneer kanselier Merkel en Sarkozy het inderdaad op korte termijn eens worden over de hoofdlijnen van zo’n miniverdrag, wordt Frankrijk weer sterker de EU ingetrokken en raakt de as Berlijn-Parijs gerevitaliseerd.

Wat doet Nederland als zoiets door toedoen van de nieuwe Franse bondgenoot langs Europa’s belangrijkste as gebeurt? Nederland moet dan slikken of stikken. Hoe weet nu nog niemand, met of zonder afwijzing van een referendum, of van eventueel hernieuwd positief advies van de Raad van State daarover, met of zonder het stellen van de kabinetskwestie, maar dat wordt dan dus slikken.

J.M. Bik is medewerker van NRC Handelsblad.